Tazocin 4 g - 500 mg

Bijsluiter
13G19
13G19
BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS
Tazocin 2 g / 0,25 g poeder voor oplossing voor infusie
Tazocin 4 g / 0,5 g poeder voor oplossing voor infusie
piperacilline / tazobactam
Lees goed de hele bijsluiter voordat u dit geneesmiddel gaat gebruiken
-
Bewaar deze bijsluiter. Misschien heeft u hem later weer nodig.
-
Heeft u nog vragen? Neem dan contact op met uw arts of apotheker.
-
Geef dit geneesmiddel niet door aan anderen, want het is alleen aan u voorgeschreven. Het kan
schadelijk zijn voor anderen, ook al hebben zij dezelfde klachten als u.
-
Krijgt u veel last van een van de bijwerkingen die in rubriek 4 staan? Of krijgt u een bijwerking
die niet in deze bijsluiter staat? Neem dan contact op met uw arts of apotheker.
Inhoud van deze bijsluiter
1.
Waarvoor wordt dit middel gebruikt?
2.
Wanneer mag u dit middel niet gebruiken of moet u er extra voorzichtig mee zijn?
3.
Hoe gebruikt u dit middel?
4.
Mogelijke bijwerkingen
5.
Hoe bewaart u dit middel?
6.
Aanvullende informatie
1.
WAARVOOR WORDT DIT MIDDEL GEBRUIKT
Piperacilline behoort bij de geneesmiddelen die bekend staan als "breedspectrum-antibiotica van de
penicillinegroep". Het middel kan veel soorten bacteriën doden. Tazobactam kan voorkomen dat
bepaalde resistente bacteriën de effecten van piperacilline overleven. Dit betekent dat er meer soorten
bacteriën worden gedood wanneer piperacilline samen met tazobactam wordt gegeven.
TAZOCIN wordt gebruikt bij volwassenen en jongvolwassenen om bacterie-infecties te behandelen,
zoals infecties van de lagere luchtwegen (longen), de urinewegen (nieren en blaas), de buik, huid of
bloed. TAZOCIN kan worden gebruikt om patiënten met bacteriële infecties met lage aantallen witte
bloedcellen (verminderde weerstand tegen infecties) te behandelen.
TAZOCIN wordt gebruikt bij kinderen van 2-12 jaar om infecties in de buik, zoals
blindedarmontsteking (appendicitis), buikvliesontsteking (peritonitis, een infectie van het vocht en de
bekleding van de buikorganen) en galblaasontsteking (cholecystitis) te behandelen. TAZOCIN kan
worden gebruikt om patiënten met bacteriële infecties met lage aantallen witte bloedcellen
(verminderde weerstand tegen infecties) te behandelen.
Bij bepaalde ernstige infecties kan uw arts overwegen om TAZOCIN in combinatie met andere
antibiotica te gebruiken.
2.
WANNEER MAG U DIT MIDDEL NIET GEBRUIKEN OF MOET U ER EXTRA
VOORZICHTIG MEE ZIJN
Wanneer mag u dit middel niet gebruiken
-
U bent allergisch voor een van de stoffen die in dit geneesmiddel zitten. Deze stoffen kunt u
vinden onder punt 6.
-
U bent allergisch voor antibiotica die bekend staan als penicillines, cefalosporines of andere
remmers van bètalactamase. U kunt dan ook allergisch zijn voor TAZOCIN.
1/9
Bijsluiter
13G19
Wanneer moet u extra voorzichtig zijn met dit middel
-
als u allergieën hebt. Als u meerdere allergieën hebt, moet u uw arts of andere zorgverlener dat
zeker vertellen voordat u dit middel krijgt.
-
als u vóór uw behandeling diarree hebt of als u tijdens of na uw behandeling diarree krijgt. Zorg
in dat geval dat u dit onmiddellijk aan uw arts of andere zorgverlener vertelt. Neem geen enkel
middel tegen diarree zonder dit eerst met uw arts te overleggen.
-
als u lage concentraties kalium in uw bloed hebt. Misschien wil uw arts voordat u dit
geneesmiddel gebruikt uw nieren controleren en tijdens de behandeling regelmatig uw bloed
onderzoeken.
-
als u nier- of leverproblemen hebt, of als u gedialyseerd wordt. Misschien wil uw arts voordat u
dit geneesmiddel gebruikt uw nieren controleren en tijdens de behandeling regelmatig uw bloed
onderzoeken.
-
als u bepaalde geneesmiddelen gebruikt (antistollingsmiddelen) om overmatige bloedstolling
tegen te gaan (zie ook: "Gebruikt
u nog andere geneesmiddelen"
in deze bijsluiter), of als
tijdens de behandeling een onverwachte bloeding optreedt. Als dit het geval is, moet u dit
onmiddellijk aan uw arts of andere zorgverlener vertellen.
-
als u tijdens de behandeling stuipen krijgt. Als dit het geval is, moet u dit aan uw arts of andere
zorgverlener vertellen.
-
als u denkt dat u een nieuwe infectie hebt opgelopen of dat een infectie ernstiger wordt. Als dit
het geval is, moet u dit aan uw arts of andere zorgverlener vertellen.
Kinderen jonger dan 2 jaar
Piperacillin / tazobactam wordt niet aanbevolen voor het gebruik bij kinderen jonger dan 2 jaar
vanwege een gebrek aan gegevens over veiligheid en werkzaamheid.
Gebruikt u nog andere geneesmiddelen
Gebruikt u naast TAZOCIN nog andere geneesmiddelen, of heeft u dat kort geleden gedaan? Vertel
dat dan uw arts of andere zorgverlener. Dat geldt ook voor geneesmiddelen waar u geen voorschrift
voor nodig heeft. Sommige geneesmiddelen kunnen een wisselwerking hebben met piperacilline en
tazobactam.
Hieronder vallen:
-
geneesmiddel tegen jicht (probenecide) Dit middel kan zorgen dat piperacilline en tazobactam
langer in uw lichaam aanwezig blijven.
-
geneesmiddelen om uw bloed te verdunnen of bloedpropjes tegen te gaan (bijv. heparine,
warfarine of aspirine).
-
geneesmiddelen die worden gebruikt om uw spieren te ontspannen tijdens een operatie. Vertel
het uw arts als u onder narcose moet worden gebracht.
-
methotrexaat (een geneesmiddel om kanker, artritis of psoriasis te behandelen). Piperacilline
en tazobactam kunnen zorgen dat methotrexaat langer in uw lichaam aanwezig blijft.
-
geneesmiddelen die de concentratie kalium in uw bloed verlagen (bijvoorbeeld plastabletten
of bepaalde middelen tegen kanker).
-
geneesmiddelen die de antibiotica tobramycine of gentamycine bevatten. Vertel het uw arts als
u nierproblemen hebt.
Effect op laboratoriumtests
Vertel de arts of de laboratoriummedewerkers als u een bloed- of urinemonster moet inleveren dat u
TAZOCIN gebruikt.
Zwangerschap en borstvoeding
Bent u zwanger, denkt u dat u misschien zwanger bent of probeert u zwanger te worden? Vertel dit
dan aan uw arts of andere zorgverlener voordat u dit geneesmiddel krijgt. Uw arts zal beslissen of
TAZOCIN geschikt is voor u.
Piperacilline en tazobactam kunnen in de buik of via de moedermelk worden overgebracht naar de
baby. Als u borstvoeding geeft, zal uw arts beslissen of TAZOCIN geschikt is voor u.
2/9
Bijsluiter
13G19
Rijvaardigheid en het gebruik van machines
Het is niet te verwachten dat TAZOCIN invloed heeft op uw rijvaardigheid en uw vermogen om
machines te gebruiken.
Stoffen in dit middel waarmee u rekening moet houden
TAZOCIN 2 g / 0,25 g bevat 5,58 mmol (128 mg) natrium.
TAZOCIN 4 g / 0,5 g bevat 11,16 mmol (256 mg) natrium.
U moet hier rekening mee houden als u een gecontroleerd natriumdieet (zoutarm dieet) hebt.
3.
HOE GEBRUIKT U DIT MIDDEL
Uw arts of andere zorgverlener geeft u dit geneesmiddel via een infuus in een van uw aders
(druppelinfuus gedurende 30 minuten).
Dosering
De dosis geneesmiddel die u krijgt, is afhankelijk van de aandoening waarvoor u wordt behandeld, uw
leeftijd en of u nieraandoeningen hebt.
Volwassenen en jongvolwassenen van 12 jaar en ouder
De gebruikelijke dosering is 4 g / 0,5 g piperacilline / tazobactam, om de 6-8 uur gegeven in één van
uw aders (direct in de bloedsomloop).
Kinderen in de leeftijd van 2 tot 12 jaar
De gebruikelijke dosering voor kinderen met buikinfecties is 100 mg / 12,5 mg piperacilline /
tazobactam / kg lichaamsgewicht, om de 8 uur gegeven in één van de aders (direct in de
bloedsomloop). De gebruikelijke dosering voor kinderen met lage aantallen witte bloedcellen is
80 mg / 10 mg piperacilline / tazobactam / kg lichaamsgewicht, om de 6 uur gegeven in één van de
aders (direct in de bloedsomloop).
Uw arts zal de dosis berekenen op basis van het lichaamsgewicht van uw kind, maar de dagelijkse
dosis is niet hoger dan 4 g / 0,5 g TAZOCIN.
U blijft TAZOCIN toegediend krijgen totdat de tekenen van infectie volledig verdwenen zijn (5 tot
14 dagen).
Patiënten met nierproblemen
Misschien moet uw arts de dosering van TAZOCIN verlagen of u het middel minder vaak toedienen.
Het kan ook zijn dat uw arts uw bloed wil onderzoeken om er zeker van te zijn dat u de juiste dosis
krijgt, in het bijzonder wanneer u het geneesmiddel gedurende lange tijd krijgt toegediend.
Heeft u te veel van dit middel gekregen
Omdat TAZOCIN door een arts of andere zorgverlener bij u wordt toegediend, is het niet
waarschijnlijk dat u een verkeerde dosis krijgt. Als u echter bijwerkingen krijgt, bijvoorbeeld stuipen,
of als u denkt dat u te veel van het geneesmiddel hebt gekregen, vertel dit dan onmiddellijk aan uw
arts, apotheker of het Antigifcentrum (070/245.245).
Bent u vergeten dit middel te gebruiken
Als u denkt dat u een dosis TAZOCIN niet hebt gekregen, vertel dit dan onmiddellijk aan uw arts of
andere zorgverlener.
3/9
Bijsluiter
13G19
Heeft u nog andere vragen over het gebruik van dit geneesmiddel? Neem dan contact op met uw arts
of andere zorgverlener.
4.
MOGELIJKE BIJWERKINGEN
Zoals elk geneesmiddel kan TAZOCIN bijwerkingen hebben, al krijgt niet iedereen daarmee te
maken.
Neem onmiddellijk contact op met uw arts
als u een van deze mogelijk ernstige bijwerkingen van
TAZOCIN ondervindt:
De ernstige bijwerkingen van TAZOCIN zijn:
-
Ernstige huiduitslag (syndroom van Stevens-Johnson en toxische epidermale necrolyse) die
aanvankelijk verschijnt als roodachtige schietschijfachtige vlekken of ronde plekken, vaak met
blaren in het midden, op de romp. Bijkomende tekenen omvatten zweren in de mond, keel,
neus, op de extremiteiten of op de geslachtsorganen en conjunctivitis. De uitslag kan zich
uitbreiden tot wijdverspreide blaarvorming of afschilferen van de huid en kan levensbedreigend
zijn.
-
Gezwollen gezicht, lippen, tong of andere lichaamsdelen
-
Kortademigheid, piepende ademhaling of moeite met ademhalen
-
Ernstige huiduitslag, jeuk of bobbeltjes op de huid
-
Geel worden van de ogen of huid
-
Beschadiging van bloedcellen (de tekenen zijn: ademnood op onverwachte momenten, rode of
bruine urine, bloedneuzen en blauwe plekken)
-
Ernstige of aanhoudende diarree, samen met koorts of zwakheid
-
Een onverwachte bloeding, in het bijzonder wanneer u antistollingsmiddelen neemt zoals
warfarine
Krijgt u veel last van een van de
volgende
bijwerkingen? Of heeft u een bijwerking die niet in deze
bijsluiter staat? Neem dan contact op met uw arts of andere zorgverlener.
Mogelijke bijwerkingen worden vermeld volgens de volgende frequenties:
-
Vaak: komen voor bij 1 tot 10 op de 100 gebruikers
-
Soms: komen voor bij 1 tot 10 op de 1.000 gebruikers
-
Zelden: komen voor bij 1 tot 10 op de 10.000 gebruikers
-
Zeer zelden: komen voor bij minder dan 1 op de 10.000 gebruikers
Vaak voorkomende bijwerkingen:
-
Diarree, braken, misselijkheid
-
Huiduitslag
Soms voorkomende bijwerkingen:
-
Slijmvliesontsteking
-
(Ongewone) afname van de aantallen witte bloedcellen (leukopenie, neutropenie) en
bloedplaatjes (trombocytopenie)
-
Allergische reactie
-
Hoofdpijn, slapeloosheid
-
Lage bloeddruk, ontsteking van de aders (voelt aan als gevoeligheid of roodheid in het
aangetaste gebied)
-
Geelzucht (gele vlekken op de huid of in het wit van de ogen), ontsteking van het
mondslijmvlies, verstopping (obstipatie), indigestie, maagklachten
-
Verhoging van bepaalde enzymen in het bloed (verhoogd alanine-aminotransferase, verhoogd
aspartaat-aminotransferase)
-
Jeuk, netelroos
-
Verhoging van een product van de spierstofwisseling in het bloed (verhoogd bloedcreatinine)
-
Koorts, reactie op de plaats van de injectie
4/9
Bijsluiter
13G19
-
Infectie door een gistsoort (Candida-superinfectie).
Zelden voorkomende bijwerkingen:
-
(Ongewone) afname van het aantal rode bloedcellen of bloedkleurstof / hemoglobine,
(ongewone) afname van het aantal rode bloedcellen door voortijdige afbraak (degradatie)
(hemolytische anemie), kleine bloeduitstortingen (purpura), bloedneus (epistaxis) en verlengde
bloedingstijd, (ongewone) stijging van een bepaald type witte bloedcellen (eosinofilie)
-
Ernstige allergische reactie (anafylactische/anafylactoïde reactie, inclusief shock)
-
Blozend rode huid
-
Een bepaalde vorm van darminfectie (pseudomembraneuze colitis), buikpijn
-
Ontsteking van de lever (hepatitis), stijging van een product van de afbraak van bloedkleurstof
(bilirubine), stijging van bepaalde enzymen in het bloed (verhoogd alkalische fosfatase in bloed,
verhoogd gamma-glutamyltransferase)
-
Huidreacties met roodheid en vorming van huidwondjes (exantheem, erythema multiforme),
huidreacties met blaarvorming (bulleuze dermatitis)
-
Pijn in spieren en gewrichten
-
Slechte werking van de nieren en nierklachten
-
Koude rillingen / stijfheid.
Zeer zelden voorkomende bijwerkingen:
-
Ernstige afname van granulaire witte bloedcellen (agranulocytose), ernstige afname van rode
bloedcellen, witte bloedcellen en bloedplaatjes (pancytopenie)
-
Verlenging van de benodigde tijd voor de vorming van bloedpropjes (verlengde partiële
tromboplastinetijd, verlengde protrombinetijd), ongewone resultaten van laboratoriumtests
(positieve directe coombstest), stijging van het aantal bloedplaatjes (trombocytemie)
-
Afname van de hoeveelheid kalium in het bloed (hypokaliëmie), afname van het
bloedsuikergehalte (glucose), afname van het bloedeiwit albumine, afname van de totale
hoeveelheid eiwit in het bloed
-
Loslating van de bovenste huidlaag over het hele lichaam (toxische epidermale necrose),
ernstige allergische reacties over het hele lichaam met uitslag van de huid en de slijmvliezen en
verscheidene uitbraken van huiduitslag (stevens-johnsonsyndroom)
-
Verhoogde hoeveelheid ureum in het bloed
Behandeling met piperacilline is in verband gebracht met het vaker voorkomen van koorts en
huiduitslag bij patiënten met cystische fibrose.
5.
HOE BEWAART U DIT MIDDEL
Buiten het bereik en zicht van kinderen houden.
Gebruik dit middel niet meer na de uiterste houdbaarheidsdatum. Die is te vinden op de doos en op de
injectieflacon na "EXP". Daar staat een maand en een jaar. De laatste dag van die maand is de uiterste
houdbaarheidsdatum.
Ongeopende injectieflacons: Bewaren beneden 25 °C.
Uitsluitend voor éénmalig gebruik. Alle ongebruikte oplossing weggooien.
Spoel geneesmiddelen niet door de gootsteen of de wc en gooi ze niet in de vuilnisbak. Vraag uw
apotheker wat u met geneesmiddelen moet doen die niet meer nodig zijn. Ze worden dan op een
verantwoorde manier vernietigd en komen zo niet in het milieu.
5/9
Bijsluiter
13G19
6.
AANVULLENDE INFORMATIE
Welke stoffen zitten er in dit middel
-
De werkzame stoffen in dit middel zijn piperacilline en tazobactam.
Elke injectieflacon bevat 2 g piperacilline (als natriumzout) en 0.25 g tazobactam (als
natriumzout).
Elke injectieflacon bevat 4 g piperacilline (als natriumzout) en 0,5 g tazobactam (als
natriumzout).
De andere stoffen in dit middel zijn citroenzuur-monohydraat en dinatriumedetaat (EDTA).
-
Hoe ziet TAZOCIN eruit en hoeveel zit er in een verpakking
TAZOCIN 2 g / 0,25 g is een wit tot gebroken wit poeder dat wordt geleverd in een injectieflacon.
Verpakkingen bevatten 1, 5, 10, 12, 25 of 50 injectieflacons.
TAZOCIN 4 g / 0,5 g is een wit tot gebroken wit poeder dat wordt geleverd in een injectieflacon.
Verpakkingen bevatten 1, 5, 10, 12, 25 of 50 injectieflacons.
Niet alle genoemde verpakkingsgrootten worden in de handel gebracht.
Houder van de vergunning voor het in de handel brengen en fabrikant
Houder van de vergunning voor het in de handel brengen:
Pfizer NV, Pleinlaan 17, 1050 Brussel
Fabrikant:
Wyeth Lederle S.r.l, Via Franco Gorgone, Zona Industriale, 95100 Catania, Italië
Nummer van de vergunning voor het in de handel brengen:
Tazocin 2 g / 0,25 g poeder voor oplossing voor infusie: BE163073
Tazocin 4 g / 0,5 g poeder voor oplossing voor infusie: BE163091
Afleveringswijze:
geneesmiddel op medisch voorschrift
Dit geneesmiddel is geregistreerd in lidstaten van de EEA onder de volgende namen:
AT
BE
Tazonam 4,0 g/0,5 g - Trockenstechampullen
Tazocin 2g/0,25 g poudre pour solution pour perfusion, poeder voor oplossing
voor infusie, Pulver Herstellung einer Infusionlösung
Tazocin 4 g/0,5 g poudre pour solution pour perfusion, poeder voor oplossing
voor infusie, Pulver Herstellung einer Infusionlösung
TAZOCIN 4 g/0,5 g прах за и½фузио½е½ разтвор
TAZOCIN
®
EF
Tazocin 2,25 g, Tazocin 4,5 g
Tazocin
TAZOCIN
Tazocin
TAZOCILLINE 2 g/250 mg, poudre pour solution pour perfusion
TAZOCILLINE 4 g/500 mg, poudre pour solution pour perfusion
Tazobac EF 4g/0,5g
TAZOCIN
®
EF
Tazocin 4,5 g por oldatos infúzióhoz
Tazocin2g/0.25g Powder for Solution for Infusion
Tazocin4g/0.5g Powder for Solution for Infusion
6/9
BG
CY
CZ
DK
EE
FI
FR
DE
EL
HU
IE
Bijsluiter
13G19
IT
LV
LT
LU
MT
NL
NO
PL
PT
RO
ES
SK
SI
SE
UK
TAZOCIN
TAZOCIN 4g/0,5g pulveris infūziju šķīduma pagatavošanai
TAZOCIN
Tazocin 2g/,025 g poudre pour solution pour perfusion
Tazocin 4g/0,5 mg poudre pour solution pour perfusion
Tazocin 2g/0.25 g Powder for Solution for Infusion
TAZOCIN 4g/0.5g Powder for Solution for Infusion
Tazocin
®
2 g/ 250 mg, Tazocin
®
4 g/ 500 mg
Tazocin
Tazocin
Tazobac
Tazocin 2 g/0,25 g pulbere pentru soluţie perfuzabilă
Tazocin 4 g/0,5 g pulbere pentru soluţie perfuzabilă
Tazocel 2g/0,25 g Polvo para Solución para perfusion
Tazocel 4g/0,5 g Polvo para Solución para perfusión
Tazocin 2,25g, Tazocin 4,5g
TAZOCIN 4 g/0,5 g prašek za raztopino za infundiranje
Tazocin
TAZOCIN 2g/0.25g Powder for Solution for Infusion
TAZOCIN 4g/0.5g Powder for Solution for Infusion
Deze bijsluiter is goedgekeurd in:
07/2013
13G19
---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
De volgende informatie is alleen bestemd voor artsen of andere beroepsbeoefenaren in de
gezondheidszorg.
Instructies voor gebruik
TAZOCIN wordt toegediend via intraveneuze infusie (een druppelinfuus gedurende 30 minuten).
Intraveneus gebruik
Reconstitueer elke flacon met het volume oplosmiddel dat is aangegeven in de onderstaande tabel.
Gebruik hiervoor één van de verenigbare oplosmiddelen voor reconstitutie. Zwenk de flacon totdat het
poeder is opgelost. Bij constant zwenken duurt het reconstitueren doorgaans niet langer dan 5 tot
10 minuten (zie voor overige instructies hieronder).
Inhoud van de injectieflacon
2 g / 0,25 g (2 g piperacilline en 0,25 g tazobactam)
4 g / 0,50 g (4 g piperacilline en 0,5 g tazobactam)
Volume oplosmiddel* dat aan de
injectieflacon moet worden toegevoegd
10 ml
20 ml
*Verenigbare oplosmiddelen voor reconstitutie:
-
0,9% (9 mg/ml) natriumchloride-oplossing voor injectie
-
Steriel water voor injecties
(1)
-
Glucose 5%
(1)
Het maximale aanbevolen volume steriel water voor injectie per dosis is 50 ml.
De gereconstitueerde oplossingen dienen met een injectiespuit uit de injectieflacon te worden
opgezogen. Wanneer reconstitutie is uitgevoerd volgens de gegeven aanwijzingen, levert de inhoud van
de flacon die met de injectiespuit wordt opgezogen de hoeveelheid piperacilline en tazobactam die op het
etiket staan vermeld.
7/9
Bijsluiter
13G19
De gereconstitueerde oplossingen kunnen verder worden verdund tot het gewenste volume (bijv. 50 ml
tot 150 ml) met één van de volgende verenigbare oplosmiddelen:
-
0,9% (9 mg/ml) natriumchloride-oplossing voor injectie
-
Glucose 5%
-
Dextran 6% in 0,9% natriumchloride
-
Ringerlactaatoplossing voor injectie
-
Hartmannoplossing
-
Ringer-acetaatoplossing
-
Ringer-acetaat/malaat-oplossing
Gevallen van onverenigbaarheid
Wanneer TAZOCIN gelijktijdig met een ander antibioticum (bijv. aminoglycosiden) wordt gebruikt,
moeten de stoffen gescheiden worden toegediend. Wanneer bètalactamantibiotica
in vitro
worden
gemengd met aminoglycosiden kan dit leiden tot een substantiële inactivatie van het aminoglycoside.
Het is echter vastgesteld dat amikacine en gentamicine, met bepaalde verdunningsmiddelen en in
specifieke concentraties,
in vitro
verenigbaar zijn met TAZOCIN (zie:
"Gelijktijdige toediening van
TAZOCIN en aminoglycosiden"
hieronder).
TAZOCIN mag niet met andere stoffen worden gemengd in een injectiespuit of een infusiefles, omdat
de verenigbaarheid niet is vastgesteld.
Vanwege chemische instabiliteit mag TAZOCIN niet worden gebruikt met oplossingen die uitsluitend
natriumbicarbonaat bevatten.
TAZOCIN is verenigbaar met Ringer-acetaatoplossing en kan via een Y-koppeling gelijktijdig
hiermee worden toegediend.
TAZOCIN mag niet worden toegevoegd aan bloedproducten of aan hydrolysaten van albumine.
Gelijktijdige toediening van TAZOCIN en aminoglycosiden
Vanwege de
in vitro
inactivatie van aminoglycosiden door bètalactamantibiotica wordt aangeraden om
TAZOCIN en het aminoglycoside gescheiden toe te dienen. Wanneer gelijktijdige behandeling met
aminoglycosiden is geïndiceerd, dienen TAZOCIN en het aminoglycoside gescheiden te worden
gereconstitueerd en verdund.
Onder omstandigheden waarin gelijktijdige toediening wordt aanbevolen, is TAZOCIN alleen met de
volgende aminoglycosiden en onder de volgende condities verenigbaar met gelijktijdige infusie via
een Y-koppeling:
Concentratie-
bereik*
aminoglycoside
(mg/ml)
Aanvaardbare
verdunnings-
middelen
0,9% natrium-
chloride of
5% glucose
Aminoglycoside
TAZOCIN
dosis
Volume oplosmiddel
voor TAZOCIN (ml)
Amikacine
2 g / 0,25 g
4 g / 0,5 g
2 g / 0,25 g
4 g / 0,5 g
50, 100, 150
1,75 – 7,5
0,9% natrium-
Gentamicine
50, 100, 150
0,7 – 3,32
chloride of
5% glucose
*De dosering van het aminoglycoside dien te zijn gebaseerd op het lichaamsgewicht van de patiënt, de
status van de infectie (ernstig of levensbedreigend) en de nierfunctie (creatinineklaring).
De verenigbaarheid van TAZOCIN met andere aminoglycosiden is niet vastgesteld. Alleen voor de in
de bovenstaande tabel vermelde concentratie en verdunningsmiddelen voor amikacine en gentamicine
8/9
Bijsluiter
13G19
en dosering van TAZOCIN is vastgesteld dat ze gelijktijdig kunnen worden toegediend door infusie
via een Y-koppeling. Gelijktijdige toediening via een Y-koppeling op een andere dan de hierboven
vermelde wijze kan leiden tot inactivatie van het aminoglycoside door TAZOCIN.
13G19
9/9
13G19
13G19
BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS
Tazocin 2 g / 0,25 g poeder voor oplossing voor infusie
Tazocin 4 g / 0,5 g poeder voor oplossing voor infusie
piperacilline / tazobactam
Lees goed de hele bijsluiter voordat u dit geneesmiddel gaat gebruiken
-
Bewaar deze bijsluiter. Misschien heeft u hem later weer nodig.
- Heeft u nog vragen? Neem dan contact op met uw arts of apotheker.
- Geef dit geneesmiddel niet door aan anderen, want het is alleen aan u voorgeschreven. Het kan
schadelijk zijn voor anderen, ook al hebben zij dezelfde klachten als u.
- Krijgt u veel last van een van de bijwerkingen die in rubriek 4 staan? Of krijgt u een bijwerking
die niet in deze bijsluiter staat? Neem dan contact op met uw arts of apotheker.
Inhoud van deze bijsluiter
1.
Waarvoor wordt dit middel gebruikt?
2.
Wanneer mag u dit middel niet gebruiken of moet u er extra voorzichtig mee zijn?
3.
Hoe gebruikt u dit middel?
4.
Mogelijke bijwerkingen
5.
Hoe bewaart u dit middel?
6.
Aanvullende informatie
1.
WAARVOOR WORDT DIT MIDDEL GEBRUIKT
Piperacilline behoort bij de geneesmiddelen die bekend staan als "breedspectrum-antibiotica van de
penicillinegroep". Het middel kan veel soorten bacteriën doden. Tazobactam kan voorkomen dat
bepaalde resistente bacteriën de effecten van piperacilline overleven. Dit betekent dat er meer soorten
bacteriën worden gedood wanneer piperacilline samen met tazobactam wordt gegeven.
TAZOCIN wordt gebruikt bij volwassenen en jongvolwassenen om bacterie-infecties te behandelen,
zoals infecties van de lagere luchtwegen (longen), de urinewegen (nieren en blaas), de buik, huid of
bloed. TAZOCIN kan worden gebruikt om patiënten met bacteriële infecties met lage aantallen witte
bloedcellen (verminderde weerstand tegen infecties) te behandelen.
TAZOCIN wordt gebruikt bij kinderen van 2-12 jaar om infecties in de buik, zoals
blindedarmontsteking (appendicitis), buikvliesontsteking (peritonitis, een infectie van het vocht en de
bekleding van de buikorganen) en galblaasontsteking (cholecystitis) te behandelen. TAZOCIN kan
worden gebruikt om patiënten met bacteriële infecties met lage aantallen witte bloedcellen
(verminderde weerstand tegen infecties) te behandelen.
Bij bepaalde ernstige infecties kan uw arts overwegen om TAZOCIN in combinatie met andere
antibiotica te gebruiken.
2.
WANNEER MAG U DIT MIDDEL NIET GEBRUIKEN OF MOET U ER EXTRA
VOORZICHTIG MEE ZIJN

Wanneer mag u dit middel niet gebruiken
-
U bent allergisch voor een van de stoffen die in dit geneesmiddel zitten. Deze stoffen kunt u
vinden onder punt 6.
- U bent allergisch voor antibiotica die bekend staan als penicillines, cefalosporines of andere
remmers van bètalactamase. U kunt dan ook allergisch zijn voor TAZOCIN.
13G19
Wanneer moet u extra voorzichtig zijn met dit middel
-
als u allergieën hebt. Als u meerdere allergieën hebt, moet u uw arts of andere zorgverlener dat
zeker vertellen voordat u dit middel krijgt.
- als u vóór uw behandeling diarree hebt of als u tijdens of na uw behandeling diarree krijgt. Zorg
in dat geval dat u dit onmiddellijk aan uw arts of andere zorgverlener vertelt. Neem geen enkel
middel tegen diarree zonder dit eerst met uw arts te overleggen.
- als u lage concentraties kalium in uw bloed hebt. Misschien wil uw arts voordat u dit
geneesmiddel gebruikt uw nieren controleren en tijdens de behandeling regelmatig uw bloed
onderzoeken.
- als u nier- of leverproblemen hebt, of als u gedialyseerd wordt. Misschien wil uw arts voordat u
dit geneesmiddel gebruikt uw nieren controleren en tijdens de behandeling regelmatig uw bloed
onderzoeken.
- als u bepaalde geneesmiddelen gebruikt (antistollingsmiddelen) om overmatige bloedstolling
tegen te gaan (zie ook: "
Gebruikt u nog andere geneesmiddelen" in deze bijsluiter), of als
tijdens de behandeling een onverwachte bloeding optreedt. Als dit het geval is, moet u dit
onmiddellijk aan uw arts of andere zorgverlener vertellen.
- als u tijdens de behandeling stuipen krijgt. Als dit het geval is, moet u dit aan uw arts of andere
zorgverlener vertellen.
- als u denkt dat u een nieuwe infectie hebt opgelopen of dat een infectie ernstiger wordt. Als dit
het geval is, moet u dit aan uw arts of andere zorgverlener vertellen.
Kinderen jonger dan 2 jaar
Piperacillin / tazobactam wordt niet aanbevolen voor het gebruik bij kinderen jonger dan 2 jaar
vanwege een gebrek aan gegevens over veiligheid en werkzaamheid.
Gebruikt u nog andere geneesmiddelen
Gebruikt u naast TAZOCIN nog andere geneesmiddelen, of heeft u dat kort geleden gedaan? Vertel
dat dan uw arts of andere zorgverlener. Dat geldt ook voor geneesmiddelen waar u geen voorschrift
voor nodig heeft. Sommige geneesmiddelen kunnen een wisselwerking hebben met piperacilline en
tazobactam.
Hieronder vallen:
-
geneesmiddel tegen jicht (probenecide) Dit middel kan zorgen dat piperacilline en tazobactam
langer in uw lichaam aanwezig blijven.
- geneesmiddelen om uw bloed te verdunnen of bloedpropjes tegen te gaan (bijv. heparine,
warfarine of aspirine).
- geneesmiddelen die worden gebruikt om uw spieren te ontspannen tijdens een operatie. Vertel
het uw arts als u onder narcose moet worden gebracht.
- methotrexaat (een geneesmiddel om kanker, artritis of psoriasis te behandelen). Piperacilline
en tazobactam kunnen zorgen dat methotrexaat langer in uw lichaam aanwezig blijft.
- geneesmiddelen die de concentratie kalium in uw bloed verlagen (bijvoorbeeld plastabletten
of bepaalde middelen tegen kanker).
- geneesmiddelen die de antibiotica tobramycine of gentamycine bevatten. Vertel het uw arts als
u nierproblemen hebt.
Effect op laboratoriumtests
Vertel de arts of de laboratoriummedewerkers als u een bloed- of urinemonster moet inleveren dat u
TAZOCIN gebruikt.
Zwangerschap en borstvoeding
Bent u zwanger, denkt u dat u misschien zwanger bent of probeert u zwanger te worden? Vertel dit
dan aan uw arts of andere zorgverlener voordat u dit geneesmiddel krijgt. Uw arts zal beslissen of
TAZOCIN geschikt is voor u.
Piperacilline en tazobactam kunnen in de buik of via de moedermelk worden overgebracht naar de
baby. Als u borstvoeding geeft, zal uw arts beslissen of TAZOCIN geschikt is voor u.
13G19
Rijvaardigheid en het gebruik van machines
Het is niet te verwachten dat TAZOCIN invloed heeft op uw rijvaardigheid en uw vermogen om
machines te gebruiken.
Stoffen in dit middel waarmee u rekening moet houden
TAZOCIN 2 g / 0,25 g bevat 5,58 mmol (128 mg) natrium.
TAZOCIN 4 g / 0,5 g bevat 11,16 mmol (256 mg) natrium.
U moet hier rekening mee houden als u een gecontroleerd natriumdieet (zoutarm dieet) hebt.
3.
HOE GEBRUIKT U DIT MIDDEL
Uw arts of andere zorgverlener geeft u dit geneesmiddel via een infuus in een van uw aders
(druppelinfuus gedurende 30 minuten).
Dosering
De dosis geneesmiddel die u krijgt, is afhankelijk van de aandoening waarvoor u wordt behandeld, uw
leeftijd en of u nieraandoeningen hebt.
Volwassenen en jongvolwassenen van 12 jaar en ouder
De gebruikelijke dosering is 4 g / 0,5 g piperacilline / tazobactam, om de 6-8 uur gegeven in één van
uw aders (direct in de bloedsomloop).
Kinderen in de leeftijd van 2 tot 12 jaar
De gebruikelijke dosering voor kinderen met buikinfecties is 100 mg / 12,5 mg piperacilline /
tazobactam / kg lichaamsgewicht, om de 8 uur gegeven in één van de aders (direct in de
bloedsomloop). De gebruikelijke dosering voor kinderen met lage aantallen witte bloedcellen is
80 mg / 10 mg piperacilline / tazobactam / kg lichaamsgewicht, om de 6 uur gegeven in één van de
aders (direct in de bloedsomloop).
Uw arts zal de dosis berekenen op basis van het lichaamsgewicht van uw kind, maar de dagelijkse
dosis is niet hoger dan 4 g / 0,5 g TAZOCIN.
U blijft TAZOCIN toegediend krijgen totdat de tekenen van infectie volledig verdwenen zijn (5 tot
14 dagen).
Patiënten met nierproblemen
Misschien moet uw arts de dosering van TAZOCIN verlagen of u het middel minder vaak toedienen.
Het kan ook zijn dat uw arts uw bloed wil onderzoeken om er zeker van te zijn dat u de juiste dosis
krijgt, in het bijzonder wanneer u het geneesmiddel gedurende lange tijd krijgt toegediend.
Heeft u te veel van dit middel gekregen
Omdat TAZOCIN door een arts of andere zorgverlener bij u wordt toegediend, is het niet
waarschijnlijk dat u een verkeerde dosis krijgt. Als u echter bijwerkingen krijgt, bijvoorbeeld stuipen,
of als u denkt dat u te veel van het geneesmiddel hebt gekregen, vertel dit dan onmiddellijk aan uw
arts, apotheker of het Antigifcentrum (070/245.245).
Bent u vergeten dit middel te gebruiken
Als u denkt dat u een dosis TAZOCIN niet hebt gekregen, vertel dit dan onmiddellijk aan uw arts of
andere zorgverlener.
13G19
Heeft u nog andere vragen over het gebruik van dit geneesmiddel? Neem dan contact op met uw arts
of andere zorgverlener.
4.
MOGELIJKE BIJWERKINGEN
Zoals elk geneesmiddel kan TAZOCIN bijwerkingen hebben, al krijgt niet iedereen daarmee te
maken.
Neem onmiddellijk contact op met uw arts als u een van deze mogelijk ernstige bijwerkingen van
TAZOCIN ondervindt:
De ernstige bijwerkingen van TAZOCIN zijn:
-
Ernstige huiduitslag (syndroom van Stevens-Johnson en toxische epidermale necrolyse) die
aanvankelijk verschijnt als roodachtige schietschijfachtige vlekken of ronde plekken, vaak met
blaren in het midden, op de romp. Bijkomende tekenen omvatten zweren in de mond, keel,
neus, op de extremiteiten of op de geslachtsorganen en conjunctivitis. De uitslag kan zich
uitbreiden tot wijdverspreide blaarvorming of afschilferen van de huid en kan levensbedreigend
zijn.
- Gezwollen gezicht, lippen, tong of andere lichaamsdelen
- Kortademigheid, piepende ademhaling of moeite met ademhalen
- Ernstige huiduitslag, jeuk of bobbeltjes op de huid
- Geel worden van de ogen of huid
- Beschadiging van bloedcellen (de tekenen zijn: ademnood op onverwachte momenten, rode of
bruine urine, bloedneuzen en blauwe plekken)
- Ernstige of aanhoudende diarree, samen met koorts of zwakheid
- Een onverwachte bloeding, in het bijzonder wanneer u antistollingsmiddelen neemt zoals
warfarine
Krijgt u veel last van een van de
volgende bijwerkingen? Of heeft u een bijwerking die niet in deze
bijsluiter staat? Neem dan contact op met uw arts of andere zorgverlener.
Mogelijke bijwerkingen worden vermeld volgens de volgende frequenties:
-
Vaak: komen voor bij 1 tot 10 op de 100 gebruikers
- Soms: komen voor bij 1 tot 10 op de 1.000 gebruikers
- Zelden: komen voor bij 1 tot 10 op de 10.000 gebruikers
- Zeer zelden: komen voor bij minder dan 1 op de 10.000 gebruikers
Vaak voorkomende bijwerkingen:
-
Diarree, braken, misselijkheid
- Huiduitslag
Soms voorkomende bijwerkingen:
-
Slijmvliesontsteking
- (Ongewone) afname van de aantallen witte bloedcellen (leukopenie, neutropenie) en
bloedplaatjes (trombocytopenie)
- Allergische reactie
- Hoofdpijn, slapeloosheid
- Lage bloeddruk, ontsteking van de aders (voelt aan als gevoeligheid of roodheid in het
aangetaste gebied)
- Geelzucht (gele vlekken op de huid of in het wit van de ogen), ontsteking van het
mondslijmvlies, verstopping (obstipatie), indigestie, maagklachten
- Verhoging van bepaalde enzymen in het bloed (verhoogd alanine-aminotransferase, verhoogd
aspartaat-aminotransferase)
- Jeuk, netelroos
- Verhoging van een product van de spierstofwisseling in het bloed (verhoogd bloedcreatinine)
- Koorts, reactie op de plaats van de injectie
13G19
- Infectie door een gistsoort (Candida-superinfectie).
Zelden voorkomende bijwerkingen:
-
(Ongewone) afname van het aantal rode bloedcellen of bloedkleurstof / hemoglobine,
(ongewone) afname van het aantal rode bloedcellen door voortijdige afbraak (degradatie)
(hemolytische anemie), kleine bloeduitstortingen (purpura), bloedneus (epistaxis) en verlengde
bloedingstijd, (ongewone) stijging van een bepaald type witte bloedcellen (eosinofilie)
- Ernstige allergische reactie (anafylactische/anafylactoïde reactie, inclusief shock)
- Blozend rode huid
- Een bepaalde vorm van darminfectie (pseudomembraneuze colitis), buikpijn
- Ontsteking van de lever (hepatitis), stijging van een product van de afbraak van bloedkleurstof
(bilirubine), stijging van bepaalde enzymen in het bloed (verhoogd alkalische fosfatase in bloed,
verhoogd gamma-glutamyltransferase)
- Huidreacties met roodheid en vorming van huidwondjes (exantheem, erythema multiforme),
huidreacties met blaarvorming (bulleuze dermatitis)
- Pijn in spieren en gewrichten
- Slechte werking van de nieren en nierklachten
- Koude rillingen / stijfheid.
Zeer zelden voorkomende bijwerkingen:
-
Ernstige afname van granulaire witte bloedcellen (agranulocytose), ernstige afname van rode
bloedcellen, witte bloedcellen en bloedplaatjes (pancytopenie)
- Verlenging van de benodigde tijd voor de vorming van bloedpropjes (verlengde partiële
tromboplastinetijd, verlengde protrombinetijd), ongewone resultaten van laboratoriumtests
(positieve directe coombstest), stijging van het aantal bloedplaatjes (trombocytemie)
- Afname van de hoeveelheid kalium in het bloed (hypokaliëmie), afname van het
bloedsuikergehalte (glucose), afname van het bloedeiwit albumine, afname van de totale
hoeveelheid eiwit in het bloed
- Loslating van de bovenste huidlaag over het hele lichaam (toxische epidermale necrose),
ernstige allergische reacties over het hele lichaam met uitslag van de huid en de slijmvliezen en
verscheidene uitbraken van huiduitslag (stevens-johnsonsyndroom)
- Verhoogde hoeveelheid ureum in het bloed
Behandeling met piperacilline is in verband gebracht met het vaker voorkomen van koorts en
huiduitslag bij patiënten met cystische fibrose.
5.
HOE BEWAART U DIT MIDDEL
Buiten het bereik en zicht van kinderen houden.
Gebruik dit middel niet meer na de uiterste houdbaarheidsdatum. Die is te vinden op de doos en op de
injectieflacon na "EXP". Daar staat een maand en een jaar. De laatste dag van die maand is de uiterste
houdbaarheidsdatum.
Ongeopende injectieflacons: Bewaren beneden 25 °C.
Uitsluitend voor éénmalig gebruik. Alle ongebruikte oplossing weggooien.
Spoel geneesmiddelen niet door de gootsteen of de wc en gooi ze niet in de vuilnisbak. Vraag uw
apotheker wat u met geneesmiddelen moet doen die niet meer nodig zijn. Ze worden dan op een
verantwoorde manier vernietigd en komen zo niet in het milieu.
13G19
6.
AANVULLENDE INFORMATIE
Welke stoffen zitten er in dit middel
- De werkzame stoffen in dit middel zijn piperacilline en tazobactam.
Elke injectieflacon bevat 2 g piperacilline (als natriumzout) en 0.25 g tazobactam (als
natriumzout).
Elke injectieflacon bevat 4 g piperacilline (als natriumzout) en 0,5 g tazobactam (als
natriumzout).
- De andere stoffen in dit middel zijn citroenzuur-monohydraat en dinatriumedetaat (EDTA).
Hoe ziet TAZOCIN eruit en hoeveel zit er in een verpakking
TAZOCIN 2 g / 0,25 g is een wit tot gebroken wit poeder dat wordt geleverd in een injectieflacon.
Verpakkingen bevatten 1, 5, 10, 12, 25 of 50 injectieflacons.
TAZOCIN 4 g / 0,5 g is een wit tot gebroken wit poeder dat wordt geleverd in een injectieflacon.
Verpakkingen bevatten 1, 5, 10, 12, 25 of 50 injectieflacons.
Niet alle genoemde verpakkingsgrootten worden in de handel gebracht.
Houder van de vergunning voor het in de handel brengen en fabrikant
Houder van de vergunning voor het in de handel brengen:
Pfizer NV, Pleinlaan 17, 1050 Brussel
Fabrikant:
Wyeth Lederle S.r.l, Via Franco Gorgone, Zona Industriale, 95100 Catania, Italië
Nummer van de vergunning voor het in de handel brengen:
Tazocin 2 g / 0,25 g poeder voor oplossing voor infusie: BE163073
Tazocin 4 g / 0,5 g poeder voor oplossing voor infusie: BE163091
Afleveringswijze: geneesmiddel op medisch voorschrift
Dit geneesmiddel is geregistreerd in lidstaten van de EEA onder de volgende namen:
AT
Tazonam 4,0 g/0,5 g - Trockenstechampullen
BE
Tazocin 2g/0,25 g poudre pour solution pour perfusion, poeder voor oplossing
voor infusie, Pulver Herstellung einer Infusionlösung
Tazocin 4 g/0,5 g poudre pour solution pour perfusion, poeder voor oplossing
voor infusie, Pulver Herstellung einer Infusionlösung
BG
TAZOCIN 4 g/0,5 g
CY
TAZOCIN® EF
CZ
Tazocin 2,25 g, Tazocin 4,5 g
DK
Tazocin
EE
TAZOCIN
FI
Tazocin
FR
TAZOCILLINE 2 g/250 mg, poudre pour solution pour perfusion
TAZOCILLINE 4 g/500 mg, poudre pour solution pour perfusion
DE
Tazobac EF 4g/0,5g
EL
TAZOCIN® EF
HU
Tazocin 4,5 g por oldatos infúzióhoz
IE
Tazocin2g/0.25g Powder for Solution for Infusion
Tazocin4g/0.5g Powder for Solution for Infusion
13G19
IT
TAZOCIN
LV
TAZOCIN 4g/0,5g pulveris infziju sduma pagatavosanai
LT
TAZOCIN
LU
Tazocin 2g/,025 g poudre pour solution pour perfusion
Tazocin 4g/0,5 mg poudre pour solution pour perfusion
MT
Tazocin 2g/0.25 g Powder for Solution for Infusion
TAZOCIN 4g/0.5g Powder for Solution for Infusion
NL
Tazocin® 2 g/ 250 mg, Tazocin® 4 g/ 500 mg
NO
Tazocin
PL
Tazocin
PT
Tazobac
RO
Tazocin 2 g/0,25 g pulbere pentru soluie perfuzabil
Tazocin 4 g/0,5 g pulbere pentru soluie perfuzabil
ES
Tazocel 2g/0,25 g Polvo para Solución para perfusion
Tazocel 4g/0,5 g Polvo para Solución para perfusión
SK
Tazocin 2,25g, Tazocin 4,5g
SI
TAZOCIN 4 g/0,5 g prasek za raztopino za infundiranje
SE
Tazocin
UK
TAZOCIN 2g/0.25g Powder for Solution for Infusion
TAZOCIN 4g/0.5g Powder for Solution for Infusion
Deze bijsluiter is goedgekeurd in: 07/2013
13G19
---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
De volgende informatie is alleen bestemd voor artsen of andere beroepsbeoefenaren in de
gezondheidszorg.

Instructies voor gebruik
TAZOCIN wordt toegediend via intraveneuze infusie (een druppelinfuus gedurende 30 minuten).

Intraveneus gebruik
Reconstitueer elke flacon met het volume oplosmiddel dat is aangegeven in de onderstaande tabel.
Gebruik hiervoor één van de verenigbare oplosmiddelen voor reconstitutie. Zwenk de flacon totdat het
poeder is opgelost. Bij constant zwenken duurt het reconstitueren doorgaans niet langer dan 5 tot
10 minuten (zie voor overige instructies hieronder).
Inhoud van de injectieflacon
Volume oplosmiddel* dat aan de
injectieflacon moet worden toegevoegd

2 g / 0,25 g (2 g piperacilline en 0,25 g tazobactam)
10 ml
4 g / 0,50 g (4 g piperacilline en 0,5 g tazobactam)
20 ml
*Verenigbare oplosmiddelen voor reconstitutie:
-
0,9% (9 mg/ml) natriumchloride-oplossing voor injectie
- Steriel water voor injecties(1)
- Glucose 5%
(1)
Het maximale aanbevolen volume steriel water voor injectie per dosis is 50 ml.
De gereconstitueerde oplossingen dienen met een injectiespuit uit de injectieflacon te worden
opgezogen. Wanneer reconstitutie is uitgevoerd volgens de gegeven aanwijzingen, levert de inhoud van
de flacon die met de injectiespuit wordt opgezogen de hoeveelheid piperacilline en tazobactam die op het
etiket staan vermeld.
13G19
D
e gereconstitueerde oplossingen kunnen verder worden verdund tot het gewenste volume (bijv. 50 m
l
t
ot 150 m
l) met één van de volgende verenigbare oplosmiddelen:
- 0,9% (9 mg/ml) natriumchloride-oplossing voor injectie
- Glucose 5%
- Dextran 6% in 0,9% natriumchloride
- Ringerlactaatoplossing voor injectie
- Hartmannoplossing
- Ringer-acetaatoplossing
- Ringer-acetaat/malaat-oplossing
Gevallen van onverenigbaarheid
Wanneer TAZOCIN gelijktijdig met een ander antibioticum (bijv. aminoglycosiden) wordt gebruikt,
moeten de stoffen gescheiden worden toegediend. Wanneer bètalactamantibiotica in vitro worden
gemengd met aminoglycosiden kan dit leiden tot een substantiële inactivatie van het aminoglycoside.
Het is echter vastgesteld dat amikacine en gentamicine, met bepaalde verdunningsmiddelen en in
specifieke concentraties, in vitro verenigbaar zijn met TAZOCIN (zie:
"Gelijktijdige toediening van
TAZOCIN en aminoglycosiden"
hieronder).
TAZOCIN mag niet met andere stoffen worden gemengd in een injectiespuit of een infusiefles, omdat
de verenigbaarheid niet is vastgesteld.
Vanwege chemische instabiliteit mag TAZOCIN niet worden gebruikt met oplossingen die uitsluitend
natriumbicarbonaat bevatten.
TAZOCIN is verenigbaar met Ringer-acetaatoplossing en kan via een Y-koppeling gelijktijdig
hiermee worden toegediend.
TAZOCIN mag niet worden toegevoegd aan bloedproducten of aan hydrolysaten van albumine.
Gelijktijdige toediening van TAZOCIN en aminoglycosiden
Vanwege de in vitro inactivatie van aminoglycosiden door bètalactamantibiotica wordt aangeraden om
TAZOCIN en het aminoglycoside gescheiden toe te dienen. Wanneer gelijktijdige behandeling met
aminoglycosiden is geïndiceerd, dienen TAZOCIN en het aminoglycoside gescheiden te worden
gereconstitueerd en verdund.
Onder omstandigheden waarin gelijktijdige toediening wordt aanbevolen, is TAZOCIN alleen met de
volgende aminoglycosiden en onder de volgende condities verenigbaar met gelijktijdige infusie via
een Y-koppeling:
Concentratie-
bereik*
Aanvaardbare
TAZOCIN
Volume oplosmiddel
Aminoglycoside
aminoglycoside
verdunnings-
dosis
voor TAZOCIN (ml)
(mg/ml)
middelen
0,9% natrium-
2 g / 0,25 g
Amikacine
50, 100, 150
1,75 ­ 7,5
chloride of
4 g / 0,5 g
5% glucose
0,9% natrium-
2 g / 0,25 g
Gentamicine
50, 100, 150
0,7 ­ 3,32
chloride of
4 g / 0,5 g
5% glucose
*De dosering van het aminoglycoside dien te zijn gebaseerd op het lichaamsgewicht van de patiënt, de
status van de infectie (ernstig of levensbedreigend) en de nierfunctie (creatinineklaring).
De verenigbaarheid van TAZOCIN met andere aminoglycosiden is niet vastgesteld. Alleen voor de in
de bovenstaande tabel vermelde concentratie en verdunningsmiddelen voor amikacine en gentamicine
13G19
en dosering van TAZOCIN is vastgesteld dat ze gelijktijdig kunnen worden toegediend door infusie
via een Y-koppeling. Gelijktijdige toediening via een Y-koppeling op een andere dan de hierboven
vermelde wijze kan leiden tot inactivatie van het aminoglycoside door TAZOCIN.
13G19

Opgepast

  • Gebruik geen geneesmiddelen zonder het advies van je geneesheer
  • Vertrouw enkel de bijsluiter die meegeleverd werd met je geneesmiddel
  • Gebruik geen geneesmiddelen waarvan de houdbaarheidsdatum verstreken is
  • Bijsluiters zijn aangeleverd door het FAGG
  • FAGG