Nanoscint 0,5 mg s.c./i.v. vial

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE PATIENT
Nanoscint 0,5 mg, kit voor radiofarmaceutisch preparaat
nanocolloïdaal technetium (
99m
Tc) albumine
Lees goed de hele bijsluiter voordat dit geneesmiddel aan u wordt gegeven want er staat
belangrijke informatie in voor u.
-
Bewaar deze bijsluiter. Misschien heeft u hem later weer nodig.
-
Heeft u nog vragen? Neem dan contact op met uw nucleair geneeskundige die toezicht
houdt op de procedure.
-
Krijgt u last van een van de bijwerkingen die in rubriek 4 staan? Of krijgt u een
bijwerking die niet in deze bijsluiter staat? Neem dan contact op met uw nucleair
geneeskundige die toezicht heeft gehouden op de procedure.
Inhoud van deze bijsluiter:
1. Wat is Nanoscint en waarvoor wordt dit middel gebruikt?
2. Wanneer mag dit middel niet worden gegeven of moet men er extra voorzichtig mee
zijn?
3. Hoe wordt dit middel gegeven?
4. Mogelijke bijwerkingen
5. Hoe wordt dit middel bewaard?
6. Inhoud van de verpakking en overige informatie
1. WAT IS NANOSCINT EN WAARVOOR WORDT DIT MIDDEL GEBRUIKT?
Dit geneesmiddel is een radiofarmaceutisch middel dat alleen bedoeld is voor diagnostisch
gebruik.
Nanoscint moet radioactief worden gelabeld met technetium (
99m
Tc) en het product dat wordt
verkregen, wordt gebruikt voor scintigrafische beeldvorming en beoordeling van
-
beenmerg
-
de ontsteking in het lichaam
-
de integriteit van het lymfevatenstelsel en om onderscheid te maken tussen afsluiting
van aderen en lymfevaten
-
schildwachtklieren bij ziekten veroorzaakt door een tumor (opsporen van
schildwachtklieren bij melanoom, borstkanker, peniskanker, plaveiselcelkanker van de
mondholte en kanker van het uitwendige vrouwelijke geslachtsorgaan [vulva]).
Bij gebruik van radioactief gelabeld Nanoscint is sprake van blootstelling aan kleine
hoeveelheden radioactiviteit. Uw arts en de nucleair geneeskundige zijn van oordeel dat het
klinische voordeel dat u heeft van de procedure met het radiofarmaceutische middel opweegt
tegen het risico van straling.
2. WANNEER MAG DIT MIDDEL NIET WORDEN GEGEVEN OF MOET MEN ER
EXTRA VOORZICHTIG MEE ZIJN?
Wanneer mag dit middel niet worden gegeven?
Bijsluiter_Nanoscint
1/7
Als u allergisch bent voor nanocolloïdaal humaan albumine of een van de stoffen in
dit geneesmiddel. Deze stoffen kunt u vinden in rubriek 6.
Als u zwanger bent en bij u moet lymfeklierscintigrafie van het bekken worden
uitgevoerd. Bij patiënten met volledige afsluiting van lymfevaten wordt
lymfeklierscintigrafie ontraden vanwege het gevaar van stralingsnecrose (afsterven
van weefsel door straling) op de injectieplaats.
Waarschuwingen en voorzorgsmaatregelen
Wanneer moet u extra voorzichtig zijn met dit middel?
Als u zwanger bent of denkt dat u zwanger zou kunnen zijn.
Als u borstvoeding geeft.
Als u een nier- of leverfunctiestoornis heeft.
Zeg het tegen uw nucleair geneeskundige als een van de bovenstaande situaties op u van
toepassing is. Uw nucleair geneeskundige zal het tegen u zeggen als u speciale
voorzorgsmaatregelen moet nemen na gebruik van dit geneesmiddel. Neem contact op met uw
nucleair geneeskundige als u vragen heeft.
Voor de toediening van Nanoscint moet u:
- voldoende water drinken en voor aanvang van het onderzoek voldoende vocht in uw lichaam
hebben om in de eerste uren na het onderzoek zo vaak mogelijk te kunnen plassen.
Kinderen en jongeren tot 18 jaar
Vertel het uw nucleair geneeskundige als u (of uw kind) jonger bent (is) dan 18 jaar.
Geneesmiddelen gemaakt van menselijk bloed of plasma
Wanneer geneesmiddelen worden gemaakt van menselijk bloed of plasma, worden er
bepaalde maatregelen toegepast om te voorkomen dat er infecties op patiënten worden
overgedragen. Deze zijn onder meer:
-
zorgvuldige selectie van bloed- en plasmadonoren om er zeker van te zijn dat degenen die
mogelijk een infectie hebben worden uitgesloten;
-
testen van elke donatie en pools van plasma op tekenen van de aanwezigheid van
virussen/infecties;
-
de invoering van stappen bij de verwerking van het bloed of plasma die virussen kunnen
inactiveren of verwijderen.
Ondanks deze maatregelen kan, bij toediening van geneesmiddelen gemaakt van menselijk
bloed of plasma, het risico op overdracht van een infectie niet volledig worden uitgesloten.
Dit geldt ook voor eventuele onbekende of nieuw opkomende virussen of andere typen
infecties.
Er zijn geen meldingen van virusinfecties in verband met albumine geproduceerd volgens de
eisen van de Europese Farmacopee en in overeenstemming met standaardprocessen.
Het wordt sterk aanbevolen dat elke keer wanneer u een dosis van NanoScint krijgt, de naam
en het partijnummer van het geneesmiddel worden genoteerd om bij te houden welke partijen
er zijn gebruikt.
Gebruikt u nog andere geneesmiddelen?
Gebruikt u naast Nanoscint nog andere geneesmiddelen, heeft u dat kortgeleden gedaan of
bestaat de mogelijkheid dat u binnenkort andere geneesmiddelen gaat gebruiken?
Vertel dat dan uw nucleair geneeskundige, omdat ze de beoordeling van de beelden kunnen
beïnvloeden.
Bijsluiter_Nanoscint
2/7
Als er bij u een scan van uw lymfevatenstelsel moet worden gemaakt, zeg het dan voor de
scan tegen uw arts als er eerder bij u een röntgenopname of scan met contrastmiddelen is
gemaakt. Dit kan van invloed zijn op de uitkomst.
Neem contact op met uw nucleair geneeskundige voordat u een geneesmiddel gebruikt.
Zwangerschap en borstvoeding
Bent u zwanger, denkt u zwanger te zijn, wilt u zwanger worden of geeft u borstvoeding?
Neem dan contact op met uw nucleair geneeskundige voordat u dit geneesmiddel toegediend
krijgt.
Vóór de toediening van Nanoscint moet u het tegen uw nucleair geneeskundige zeggen als er
een kans bestaat dat u zwanger bent, als u uw menstruatie heeft overgeslagen of als u
borstvoeding geeft.
Twijfelt u? Dan is het belangrijk dat u uw nucleair geneeskundige raadpleegt die toezicht
houdt op de procedure.
Gebruik Nanoscint niet tijdens de zwangerschap.
Als u borstvoeding geeft, zeg dat dan tegen uw nucleair geneeskundige, aangezien hij/zij u zal
adviseren daarmee te stoppen tot de radioactiviteit uit uw lichaam is verdwenen. Dit duurt
ongeveer 24 uur. De afgekolfde melk moet worden weggegooid. Vraag aan uw nucleair
geneeskundige wanneer u weer verder kunt gaan met het geven van borstvoeding.
Rijvaardigheid en het gebruik van machines
Het wordt onwaarschijnlijk geacht dat Nanoscint van invloed zal zijn op uw rijvaardigheid of
uw vermogen om machines te bedienen.
Nanoscint bevat natrium
Dit geneesmiddel bevat minder dan 1 mmol natrium (23 mg) per injectieflacon, d.w.z. dat het
in wezen ‘natriumvrij’ is.
3. HOE WORDT DIT MIDDEL GEGEVEN?
Voor het gebruik, het omgaan met en het afvoeren van radiofarmaceutische middelen gelden
strikte wetten. Nanoscint wordt alleen gebruikt in speciale gecontroleerde ruimtes. Dit product
wordt alleen gehanteerd en aan u toegediend door mensen die speciaal zijn opgeleid en
bevoegd zijn om dit op een veilige manier te doen. Deze personen nemen speciale
maatregelen voor het veilige gebruik van dit middel en houden u op de hoogte van hun
handelingen.
De nucleair geneeskundige die toezicht houdt op de procedure, bepaalt hoeveel Nanoscint in
uw geval moet worden gebruikt. Dit zal de kleinste hoeveelheid zijn die nodig is om de
gewenste informatie te verkrijgen.
De toe te dienen hoeveelheid die doorgaans voor een volwassene wordt aanbevolen, varieert
van 5 tot 500 MBq (megabecquerel, de eenheid waarin radioactiviteit wordt uitgedrukt).
Verlaging van de dosering in geval van nier- of leverfunctiestoornis is niet nodig.
Wanneer u teveel van Nanoscint heeft gebruikt of ingenomen, neem dan onmiddellijk contact
op met uw arts, apotheker of het Antigifcentrum (070/245.245).
Gebruik bij kinderen en jongeren tot 18 jaar
Bijsluiter_Nanoscint
3/7
Bij kinderen en jongeren tot 18 jaar wordt de toe te dienen hoeveelheid aangepast aan het
gewicht van het kind.
Toediening van Nanoscint en verloop van de procedure
Nanoscint wordt na labeling met een radioactieve stof toegediend als een injectie in een ader
of als onderhuidse injectie (een of meer injectieplaatsen).
Dit product is niet bedoeld voor regelmatige of continue toediening.
Na injectie krijgt u iets te drinken aangeboden en wordt aan u gevraagd vlak voor het
onderzoek te plassen.
Duur van procedure
Uw nucleair geneeskundige vertelt u hoe lang de procedure doorgaans duurt.
Na toediening van Nanoscint moet u:
- nauw contact met jonge kinderen en zwangere vrouwen vermijden gedurende de eerste
24 uur na de toediening
- vaak plassen om het product uit uw lichaam te verwijderen.
De nucleair geneeskundige zal tegen u zeggen of u speciale voorzorgsmaatregelen moet
nemen nadat u dit geneesmiddel heeft gekregen. Heeft u nog vragen over het gebruik van
Nanoscint? Neem dan contact op met uw nucleair geneeskundige.
Is er te veel van dit middel aan u gegeven?
Een overdosis is onwaarschijnlijk omdat u alleen een dosis van Nanoscint krijgt toegediend
die nauwkeurig is/zijn gecontroleerd door de nucleair geneeskundige die toezicht houdt op de
procedure. Mocht er toch sprake zijn van een overdosis dan wordt u echter op passende wijze
behandeld. De nucleair geneeskundige die toezicht houdt op de procedure, kan met name
adviseren veel te drinken om Nanoscint gemakkelijker uit uw lichaam te verwijderen.
Heeft u nog vragen over het gebruik van Nanoscint? Neem dan contact op met uw nucleair
geneeskundige die toezicht houdt op de procedure.
4. MOGELIJKE BIJWERKINGEN
Zoals elk geneesmiddel kan ook dit geneesmiddel bijwerkingen hebben, al krijgt niet iedereen
daarmee te maken.
Tijdens de beoordeling van bijwerkingen zijn de volgende frequenties als basis aangehouden:
zeer vaak:
vaak:
soms:
zelden:
zeer zelden:
niet bekend:
bij meer dan 1 op de 10 patiënten
bij minder dan 1 op de 10 patiënten
bij minder dan 1 op de 100 patiënten
bij minder dan 1 op de 1.000 patiënten
bij minder dan 1 op de 10.000 patiënten
kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald
Zeer zelden:
Lichte en tijdelijke overgevoeligheidsreacties, die gepaard kunnen gaan met verschijnselen als
reacties op de toedieningsplaats/lokale huidreacties, huiduitslag (‘rash’), jeuk,
immuunsysteemaandoeningen, draaiduizeligheid, bloeddrukdaling.
Wanneer een radioactief geneesmiddel dat eiwit bevat, zoals X, aan een patiënt wordt
toegediend, kunnen er overgevoeligheidsreacties optreden, waaronder zeer zeldzame
levensbedreigende anafylaxie; de frequentie hiervan is niet bekend.
Bijsluiter_Nanoscint
4/7
Dit radioactieve geneesmiddel geeft kleine hoeveelheden ioniserende straling af, wat gepaard
gaat met het kleinste risico van kanker en erfelijke afwijkingen.
Krijgt u last van bijwerkingen, neem dan contact op met uw nucleair geneeskundige. Dit geldt
ook voor mogelijke bijwerkingen die niet in deze bijsluiter staan.
Het melden van bijwerkingen
Krijgt u last van bijwerkingen, neem dan contact op met uw nucleair geneeskundige. Dit geldt
ook voor mogelijke bijwerkingen die niet in deze bijsluiter staan. U kunt bijwerkingen ook
rechtstreeks melden via het Federaal agentschap voor geneesmiddelen en
gezondheidsproducten - Afdeling Vigilantie – Galileelaan 5/03 1210 BRUSSEL - Website:
www.eenbijwerkingmelden.be
- e-mail:
adr@fagg.be.
Door bijwerkingen te melden, kunt u
ons helpen meer informatie te verkrijgen over de veiligheid van dit geneesmiddel.
5. HOE WORDT DIT MIDDEL BEWAARD?
U hoeft dit geneesmiddel niet zelf te bewaren. Dit geneesmiddel wordt bewaard onder
verantwoordelijkheid van de specialist in daartoe aangewezen ruimten. Radiofarmaceutische
geneesmiddelen moeten worden bewaard volgens nationale regels voor radioactieve
materialen.
De volgende informatie is alleen bestemd voor de specialist.
Gebruik dit geneesmiddel niet meer na de uiterste houdbaarheidsdatum. Die is te vinden op de
doos en het etiket. Daar staat een maand en een jaar.
Gebruik dit geneesmiddel niet als deze injectieflacon beschadigd is.
6. INHOUD VAN DE VERPAKKING EN OVERIGE INFORMATIE
Welke stoffen zitten er in dit middel?
De werkzame stof in dit middel is nanocolloïdaal menselijk albumine.
Elke injectieflacon bevat 500 microgram nanocolloïddeeltjes van menselijk albumine.
De andere stoffen in dit middel zijn:
tin(II)chloridedihydraat, natriumdiwaterstoffosfaat dihydraat, dinatriumwaterstoffosfaat
dihydraat, glucosemonohydraat, zoutzuur, natriumhydroxide
Hoe ziet Nanoscint eruit en hoeveel zit er in een verpakking?
Het product is een kit voor radiofarmaceutische bereiding.
Elke injectieflacon bevat wit tot bijna wit poeder voor bereiding van een injectie.
Nanoscint omvat zes injectieflacons. De inhoud van de injectieflacon moet worden opgelost
in een oplossing en voor toediening als een injectie worden gecombineerd met radioactief
technetium. Zodra de radioactieve stof natriumpertechnetaat (
99m
Tc) aan de injectieflacon
wordt toegevoegd, ontstaan er nanocolloïdale deeltjes van technetium (
99m
Tc) albumine. Deze
oplossing is klaar voor injectie.
Verpakkingsgrootten:
1 verpakking bevat 6 injectieflacons
Proefverpakking: 2 injectieflacons
Ziekenhuisverpakkingen:
Bundelverpakking van 2 verpakkingen met 6 injectieflacons
Bundelverpakking van 4 verpakkingen met 6 injectieflacons
Bijsluiter_Nanoscint
5/7
Niet alle genoemde verpakkingsgrootten worden in de handel gebracht
Houder van de vergunning voor het in de handel brengen en fabrikant:
Houder van de vergunning voor het in de handel brengen:
RADIOPHARMACY Laboratory Ltd
2040 Budaörs Gyár st. 2. Hongarije
Tel:
+36-23-886-950, +36-23-886-951
Fax:
+36-23-886-955 e-mail:info@radiopharmacy-laboratory.eu
Fabrikant:
Medi-Radiopharma Ltd
2030 Érd, Szamos u. 10-12.
Hongarije
Nummer van de vergunning voor het in de handel brengen:
BE471911
Dit geneesmiddel is geregistreerd in de lidstaten van de EER onder de volgende namen:
Oostenrijk
België
Denemarken
Nederland
Polen
NanoScan 500 Mikrogramm
kit für ein radioaktives Arzneimittel
NANOSCINT 0,5 mg,
kit voor radiofarmaceutisch preparaat
NanoScan,
kit
for
radiopharmaceutical preparation
NanoScan 500 microgram,
kit voor radiofarmaceutisch preparaat
NanoScan, 500 mikrogramów
zestaw do sporządzania preparatu
radiofarmaceutycznego
NanoScan 500 Mikrogramm
Kit für ein radioaktives Arzneimittel
Nanoalbumon 500 microgrammi
Kit per preparazione radiopharmaceutical
NanoScan
500 micrograme
kit pentru preparate radiofarmaceutice
Nanocoloides de albumina Radiopharmacy 500
microgramos
Equipo de Reactivos Para Preparacion
Radiopharmaceutica
NanoScan 500micrograms,
Kit for radiopharmaceutical preparation
Duitsland
Italië
Roemenië
Spanje
Verenigd Koninkrijk
Bijsluiter_Nanoscint
6/7
Afleveringswijze:
Geneesmiddel op medisch voorschrift.
Deze bijsluiter is voor het laatst goedgekeurd:12/2020
De volgende informatie is alleen bestemd voor artsen en beroepsbeoefenaren in de
gezondheidszorg
De volledige SPC van Nanoscint 0,5 mg wordt als een afzonderlijk document verstrekt.
Bijsluiter_Nanoscint
7/7
Nanoscint 0,5 mg, kit voor radiofarmaceutisch preparaat
nanocolloïdaal technetium (99mTc) albumine
Lees goed de hele bijsluiter voordat dit geneesmiddel aan u wordt gegeven want er staat
belangrijke informatie in voor u.
- Bewaar deze bijsluiter. Misschien heeft u hem later weer nodig.
- Heeft u nog vragen? Neem dan contact op met uw nucleair geneeskundige die toezicht
houdt op de procedure.
- Krijgt u last van een van de bijwerkingen die in rubriek 4 staan? Of krijgt u een
bijwerking die niet in deze bijsluiter staat? Neem dan contact op met uw nucleair
geneeskundige die toezicht heeft gehouden op de procedure.
Inhoud van deze bijsluiter:
1. Wat is Nanoscint en waarvoor wordt dit middel gebruikt?
2. Wanneer mag dit middel niet worden gegeven of moet men er extra voorzichtig mee
zijn?
3. Hoe wordt dit middel gegeven?
4. Mogelijke bijwerkingen
5. Hoe wordt dit middel bewaard?
6. Inhoud van de verpakking en overige informatie
1. WAT IS NANOSCINT EN WAARVOOR WORDT DIT MIDDEL GEBRUIKT?
Dit geneesmiddel is een radiofarmaceutisch middel dat alleen bedoeld is voor diagnostisch
gebruik.
Nanoscint moet radioactief worden gelabeld met technetium (99mTc) en het product dat wordt
verkregen, wordt gebruikt voor scintigrafische beeldvorming en beoordeling van
- beenmerg
- de ontsteking in het lichaam
- de integriteit van het lymfevatenstelsel en om onderscheid te maken tussen afsluiting
van aderen en lymfevaten
- schildwachtklieren bij ziekten veroorzaakt door een tumor (opsporen van
schildwachtklieren bij melanoom, borstkanker, peniskanker, plaveiselcelkanker van de
mondholte en kanker van het uitwendige vrouwelijke geslachtsorgaan [vulva]).
Bij gebruik van radioactief gelabeld Nanoscint is sprake van blootstelling aan kleine
hoeveelheden radioactiviteit. Uw arts en de nucleair geneeskundige zijn van oordeel dat het
klinische voordeel dat u heeft van de procedure met het radiofarmaceutische middel opweegt
tegen het risico van straling.
2. WANNEER MAG DIT MIDDEL NIET WORDEN GEGEVEN OF MOET MEN ER
EXTRA VOORZICHTIG MEE ZIJN?

Wanneer mag dit middel niet worden gegeven?
Bijsluiter_Nanoscint
dit geneesmiddel. Deze stoffen kunt u vinden in rubriek 6.
Als u zwanger bent en bij u moet lymfeklierscintigrafie van het bekken worden
uitgevoerd. Bij patiënten met volledige afsluiting van lymfevaten wordt
lymfeklierscintigrafie ontraden vanwege het gevaar van stralingsnecrose (afsterven
van weefsel door straling) op de injectieplaats.
Waarschuwingen en voorzorgsmaatregelen
Wanneer moet u extra voorzichtig zijn met dit middel?
Als u zwanger bent of denkt dat u zwanger zou kunnen zijn.
Als u borstvoeding geeft.
Als u een nier- of leverfunctiestoornis heeft.
Zeg het tegen uw nucleair geneeskundige als een van de bovenstaande situaties op u van
toepassing is. Uw nucleair geneeskundige zal het tegen u zeggen als u speciale
voorzorgsmaatregelen moet nemen na gebruik van dit geneesmiddel. Neem contact op met uw
nucleair geneeskundige als u vragen heeft.
Voor de toediening van Nanoscint moet u:
- voldoende water drinken en voor aanvang van het onderzoek voldoende vocht in uw lichaam
hebben om in de eerste uren na het onderzoek zo vaak mogelijk te kunnen plassen.
Kinderen en jongeren tot 18 jaar
Vertel het uw nucleair geneeskundige als u (of uw kind) jonger bent (is) dan 18 jaar.
Geneesmiddelen gemaakt van menselijk bloed of plasma
Wanneer geneesmiddelen worden gemaakt van menselijk bloed of plasma, worden er
bepaalde maatregelen toegepast om te voorkomen dat er infecties op patiënten worden
overgedragen. Deze zijn onder meer:
-
zorgvuldige selectie van bloed- en plasmadonoren om er zeker van te zijn dat degenen die
mogelijk een infectie hebben worden uitgesloten;
- testen van elke donatie en pools van plasma op tekenen van de aanwezigheid van
virussen/infecties;
- de invoering van stappen bij de verwerking van het bloed of plasma die virussen kunnen
inactiveren of verwijderen.
Ondanks deze maatregelen kan, bij toediening van geneesmiddelen gemaakt van menselijk
bloed of plasma, het risico op overdracht van een infectie niet volledig worden uitgesloten.
Dit geldt ook voor eventuele onbekende of nieuw opkomende virussen of andere typen
infecties.
Er zijn geen meldingen van virusinfecties in verband met albumine geproduceerd volgens de
eisen van de Europese Farmacopee en in overeenstemming met standaardprocessen.
Het wordt sterk aanbevolen dat elke keer wanneer u een dosis van NanoScint krijgt, de naam
en het partijnummer van het geneesmiddel worden genoteerd om bij te houden welke partijen
er zijn gebruikt.
Gebruikt u nog andere geneesmiddelen?
Gebruikt u naast Nanoscint nog andere geneesmiddelen, heeft u dat kortgeleden gedaan of
bestaat de mogelijkheid dat u binnenkort andere geneesmiddelen gaat gebruiken?
Vertel dat dan uw nucleair geneeskundige, omdat ze de beoordeling van de beelden kunnen
beïnvloeden.
Bijsluiter_Nanoscint
Zwangerschap en borstvoeding
Bent u zwanger, denkt u zwanger te zijn, wilt u zwanger worden of geeft u borstvoeding?
Neem dan contact op met uw nucleair geneeskundige voordat u dit geneesmiddel toegediend
krijgt.
Vóór de toediening van Nanoscint moet u het tegen uw nucleair geneeskundige zeggen als er
een kans bestaat dat u zwanger bent, als u uw menstruatie heeft overgeslagen of als u
borstvoeding geeft.
Twijfelt u? Dan is het belangrijk dat u uw nucleair geneeskundige raadpleegt die toezicht
houdt op de procedure.
Gebruik Nanoscint niet tijdens de zwangerschap.
Als u borstvoeding geeft, zeg dat dan tegen uw nucleair geneeskundige, aangezien hij/zij u zal
adviseren daarmee te stoppen tot de radioactiviteit uit uw lichaam is verdwenen. Dit duurt
ongeveer 24 uur. De afgekolfde melk moet worden weggegooid. Vraag aan uw nucleair
geneeskundige wanneer u weer verder kunt gaan met het geven van borstvoeding.
Rijvaardigheid en het gebruik van machines
Het wordt onwaarschijnlijk geacht dat Nanoscint van invloed zal zijn op uw rijvaardigheid of
uw vermogen om machines te bedienen.
Nanoscint bevat natrium
Dit geneesmiddel bevat minder dan 1 mmol natrium (23 mg) per injectieflacon, d.w.z. dat het
in wezen `natriumvrij' is.
3. HOE WORDT DIT MIDDEL GEGEVEN?
Voor het gebruik, het omgaan met en het afvoeren van radiofarmaceutische middelen gelden
strikte wetten. Nanoscint wordt alleen gebruikt in speciale gecontroleerde ruimtes. Dit product
wordt alleen gehanteerd en aan u toegediend door mensen die speciaal zijn opgeleid en
bevoegd zijn om dit op een veilige manier te doen. Deze personen nemen speciale
maatregelen voor het veilige gebruik van dit middel en houden u op de hoogte van hun
handelingen.
De nucleair geneeskundige die toezicht houdt op de procedure, bepaalt hoeveel Nanoscint in
uw geval moet worden gebruikt. Dit zal de kleinste hoeveelheid zijn die nodig is om de
gewenste informatie te verkrijgen.
De toe te dienen hoeveelheid die doorgaans voor een volwassene wordt aanbevolen, varieert
van 5 tot 500 MBq (megabecquerel, de eenheid waarin radioactiviteit wordt uitgedrukt).
Verlaging van de dosering in geval van nier- of leverfunctiestoornis is niet nodig.
Wanneer u teveel van Nanoscint heeft gebruikt of ingenomen, neem dan onmiddellijk contact
op met uw arts, apotheker of het Antigifcentrum (070/245.245).
Gebruik bij kinderen en jongeren tot 18 jaar
Bijsluiter_Nanoscint
Toediening van Nanoscint en verloop van de procedure
Nanoscint wordt na labeling met een radioactieve stof toegediend als een injectie in een ader
of als onderhuidse injectie (een of meer injectieplaatsen).
Dit product is niet bedoeld voor regelmatige of continue toediening.
Na injectie krijgt u iets te drinken aangeboden en wordt aan u gevraagd vlak voor het
onderzoek te plassen.
Duur van procedure
Uw nucleair geneeskundige vertelt u hoe lang de procedure doorgaans duurt.
Na toediening van Nanoscint moet u:
- nauw contact met jonge kinderen en zwangere vrouwen vermijden gedurende de eerste
24 uur na de toediening
- vaak plassen om het product uit uw lichaam te verwijderen.
De nucleair geneeskundige zal tegen u zeggen of u speciale voorzorgsmaatregelen moet
nemen nadat u dit geneesmiddel heeft gekregen. Heeft u nog vragen over het gebruik van
Nanoscint? Neem dan contact op met uw nucleair geneeskundige.
Is er te veel van dit middel aan u gegeven?
Een overdosis is onwaarschijnlijk omdat u alleen een dosis van Nanoscint krijgt toegediend
die nauwkeurig is/zijn gecontroleerd door de nucleair geneeskundige die toezicht houdt op de
procedure. Mocht er toch sprake zijn van een overdosis dan wordt u echter op passende wijze
behandeld. De nucleair geneeskundige die toezicht houdt op de procedure, kan met name
adviseren veel te drinken om Nanoscint gemakkelijker uit uw lichaam te verwijderen.
Heeft u nog vragen over het gebruik van Nanoscint? Neem dan contact op met uw nucleair
geneeskundige die toezicht houdt op de procedure.
4. MOGELIJKE BIJWERKINGEN
Zoals elk geneesmiddel kan ook dit geneesmiddel bijwerkingen hebben, al krijgt niet iedereen
daarmee te maken.
Tijdens de beoordeling van bijwerkingen zijn de volgende frequenties als basis aangehouden:
zeer vaak:
bij meer dan 1 op de 10 patiënten
vaak:
bij minder dan 1 op de 10 patiënten
soms:
bij minder dan 1 op de 100 patiënten
zelden:
bij minder dan 1 op de 1.000 patiënten
zeer zelden:
bij minder dan 1 op de 10.000 patiënten
niet bekend:
kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald
Zeer zelden:
Lichte en tijdelijke overgevoeligheidsreacties, die gepaard kunnen gaan met verschijnselen als
reacties op de toedieningsplaats/lokale huidreacties, huiduitslag (`rash'), jeuk,
immuunsysteemaandoeningen, draaiduizeligheid, bloeddrukdaling.
Wanneer een radioactief geneesmiddel dat eiwit bevat, zoals X, aan een patiënt wordt
toegediend, kunnen er overgevoeligheidsreacties optreden, waaronder zeer zeldzame
levensbedreigende anafylaxie; de frequentie hiervan is niet bekend.
Bijsluiter_Nanoscint
Het melden van bijwerkingen
Krijgt u last van bijwerkingen, neem dan contact op met uw nucleair geneeskundige. Dit geldt
ook voor mogelijke bijwerkingen die niet in deze bijsluiter staan. U kunt bijwerkingen ook
rechtstreeks melden via het Federaal agentschap voor geneesmiddelen en
gezondheidsproducten - Afdeling Vigilantie ­ Galileelaan 5/03 1210 BRUSSEL - Website:
www.eenbijwerkingmelden.be - e-mail: adr@fagg.be. Door bijwerkingen te melden, kunt u
ons helpen meer informatie te verkrijgen over de veiligheid van dit geneesmiddel.
5. HOE WORDT DIT MIDDEL BEWAARD?
U hoeft dit geneesmiddel niet zelf te bewaren. Dit geneesmiddel wordt bewaard onder
verantwoordelijkheid van de specialist in daartoe aangewezen ruimten. Radiofarmaceutische
geneesmiddelen moeten worden bewaard volgens nationale regels voor radioactieve
materialen.
De volgende informatie is alleen bestemd voor de specialist.
Gebruik dit geneesmiddel niet meer na de uiterste houdbaarheidsdatum. Die is te vinden op de
doos en het etiket. Daar staat een maand en een jaar.
Gebruik dit geneesmiddel niet als deze injectieflacon beschadigd is.
6. INHOUD VAN DE VERPAKKING EN OVERIGE INFORMATIE
Welke stoffen zitten er in dit middel?
De werkzame stof in dit middel is nanocolloïdaal menselijk albumine.
Elke injectieflacon bevat 500 microgram nanocolloïddeeltjes van menselijk albumine.
De andere stoffen in dit middel zijn:
tin(II)chloridedihydraat, natriumdiwaterstoffosfaat dihydraat, dinatriumwaterstoffosfaat
dihydraat, glucosemonohydraat, zoutzuur, natriumhydroxide
Hoe ziet Nanoscint eruit en hoeveel zit er in een verpakking?
Het product is een kit voor radiofarmaceutische bereiding.
Elke injectieflacon bevat wit tot bijna wit poeder voor bereiding van een injectie.
Nanoscint omvat zes injectieflacons. De inhoud van de injectieflacon moet worden opgelost
in een oplossing en voor toediening als een injectie worden gecombineerd met radioactief
technetium. Zodra de radioactieve stof natriumpertechnetaat (99mTc) aan de injectieflacon
wordt toegevoegd, ontstaan er nanocolloïdale deeltjes van technetium (99mTc) albumine. Deze
oplossing is klaar voor injectie.
Verpakkingsgrootten:
1 verpakking bevat 6 injectieflacons
Proefverpakking: 2 injectieflacons
Ziekenhuisverpakkingen:
Bundelverpakking van 2 verpakkingen met 6 injectieflacons
Bundelverpakking van 4 verpakkingen met 6 injectieflacons

Bijsluiter_Nanoscint
Houder van de vergunning voor het in de handel brengen:
RADIOPHARMACY Laboratory Ltd
2040 Budaörs Gyár st. 2. Hongarije
Tel:
+36-23-886-950, +36-23-886-951
Fax:
+36-23-886-955 e-mail:info@radiopharmacy-laboratory.eu
Fabrikant:
Medi-Radiopharma Ltd
2030 Érd, Szamos u. 10-12.
Hongarije
Nummer van de vergunning voor het in de handel brengen:
BE471911

Dit geneesmiddel is geregistreerd in de lidstaten van de EER onder de volgende namen:
Oostenrijk
NanoScan 500 Mikrogramm
kit für ein radioaktives Arzneimittel
België
NANOSCINT 0,5 mg,
kit voor radiofarmaceutisch preparaat
Denemarken
NanoScan,
kit for radiopharmaceutical preparation
Nederland
NanoScan 500 microgram,
kit voor radiofarmaceutisch preparaat
Polen
NanoScan, 500 mikrogramów
zestaw do sporzdzania preparatu
radiofarmaceutycznego
Duitsland
NanoScan 500 Mikrogramm
Kit für ein radioaktives Arzneimittel
Italië
Nanoalbumon 500 microgrammi
Kit per preparazione radiopharmaceutical
Roemenië
NanoScan 500 micrograme
kit pentru preparate radiofarmaceutice
Spanje
Nanocoloides de albumina Radiopharmacy 500
microgramos
Equipo de Reactivos Para Preparacion
Radiopharmaceutica
Verenigd Koninkrijk
NanoScan 500micrograms,
Kit for radiopharmaceutical preparation
Bijsluiter_Nanoscint
Deze bijsluiter is voor het laatst goedgekeurd:12/2020
De volgende informatie is alleen bestemd voor artsen en beroepsbeoefenaren in de
gezondheidszorg
De volledige SPC van Nanoscint 0,5 mg wordt als een afzonderlijk document verstrekt.
Bijsluiter_Nanoscint

Heb je dit medicijn gebruikt? Nanoscint 0,5 mg s.c./i.v. vial te vormen.

Je ervaring helpt anderen een beeld over het gebruik van Nanoscint 0,5 mg s.c./i.v. vial te vormen.

Deel als eerste jouw ervaring over Nanoscint 0,5 mg s.c./i.v. vial

Opgepast

  • Gebruik geen geneesmiddelen zonder het advies van je geneesheer
  • Vertrouw enkel de bijsluiter die meegeleverd werd met je geneesmiddel
  • Gebruik geen geneesmiddelen waarvan de houdbaarheidsdatum verstreken is
  • Bijsluiters zijn aangeleverd door het FAGG
  • FAGG