Trinovum

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIKER
Trinovum tabletten
norethisteron en ethinylestradiol
Lees goed de hele bijsluiter voordat u dit geneesmiddel gaat gebruiken, want er staat belangrijke
informatie in voor u.
-
Bewaar deze bijsluiter. Misschien heeft u hem later weer nodig.
-
Heeft u nog vragen? Neem dan contact op met uw arts of apotheker.
-
Geef dit geneesmiddel niet door aan anderen, want het is alleen aan u voorgeschreven. Het kan
schadelijk zijn voor anderen, ook al hebben zij dezelfde klachten als u.
-
Krijgt u veel last van een van de bijwerkingen die in rubriek 4 staan? Of krijgt u een bijwerking die
niet in deze bijsluiter staat? Neem dan contact op met uw arts of apotheker.
Inhoud van deze bijsluiter
1. Waarvoor wordt Trinovum gebruikt?
2. TrinovumWanneer mag u Trinovum niet gebruiken of moet u er extra voorzichtig mee zijn?
3. Hoe gebruikt u Trinovum?
4. Mogelijke bijwerkingen
5. Hoe bewaart u Trinovum?
6. Inhoud van de verpakking en overige informatie
1. WAARVOOR WORDT TRINOVUM GEBRUIKT?
Trinovum is een trifasisch oraal contraceptivum ter voorkoming van zwangerschap.
2. WANNEER MAG U TRINOVUM NIET GEBRUIKEN OF MOET U ER EXTRA
VOORZICHTIG MEE ZIJN?
Wanneer mag u Trinovum niet gebruiken?
u bent allergisch voor één van de stoffen die in dit geneesmiddel zitten. Deze stoffen kunt u vinden onder
rubriek 6.
als u borstkanker of kanker van de geslachtsorganen heeft of hebt gehad.
als u een goedaardig of kwaadaardig gezwel aan de lever heeft of hebt gehad.
als u bloedingen uit de vagina heeft, waarvan de oorzaak niet is vastgesteld.
als u geelzucht (geel worden van de huid) of een ernstige leveraandoening heeft.
als u suikerziekte heeft met aantasting van de bloedvaten.
als u trombo-embolische aandoeningen heeft of hebt gehad (waarbij een dergelijk bloedstolsel loskomt
van de vaatwand en een verstopping van een kleiner bloedvat veroorzaakt), bijvoorbeeld ter hoogte van
de benen (diepe veneuze trombose), hersenen (beroerte), de longen (longembolie) of het hart
(hartaanval).
als u een aandoening heeft of ooit hebt gehad die een mogelijke voorbode kan zijn van een hartaanval
(zoals angina pectoris of pijn op de borst) of van een beroerte (zoals voorbijgaande ischemische aanval of
kleine, omkeerbare beroerte).
als er gelijktijdig risicofactoren aanwezig zijn, zoals: verhoogde bloeddruk, suikerziekte, aandoeningen
van de gal en de lever, een te hoog vetgehalte in het bloed, zwaarlijvigheid, roken, ouder dan 35 à 40 jaar.
Indien deze factoren aanwezig zijn, moet overwogen worden om met Trinovum te stoppen.
als er pijn in de borst optreedt en bij enkeloedeem dient het gebruik van Trinovum onmiddellijk te
worden stopgezet. Een zelfde maatregel dringt zich op bij het ontstaan van gezichtsmoeilijkheden en
migraine.
als u een blijvend verhoogde bloeddruk heeft.
als u zwanger bent, of denkt dat u zwanger zou kunnen zijn.
Indien één van deze situaties op u van toepassing is, deel dat aan uw dokter mee alvorens met het gebruik
van Trinovum te beginnen. Uw dokter kan u aanraden een ander type van pil of een totaal andere (niet-
hormonale) methode van geboorteregeling te gebruiken.
Mocht een van deze situaties voor het eerst optreden terwijl u de pil gebruikt, stop dan onmiddellijk met het
innemen en raadpleeg uw dokter. Gebruik ondertussen niet-hormonale contraceptieve maatregelen. Zie ook
rubriek ‘algemene opmerkingen’.
Wanneer moet u extra voorzichtig zijn met Trinovum?
Algemene opmerkingen
In deze bijsluiter zijn verschillende situaties beschreven waarbij u het gebruik van de pil moet
stoppen, of waarbij de betrouwbaarheid van de pil verminderd kan zijn. In dergelijke situaties
mag u geen geslachtsgemeenschap hebben ofwel moet u aanvullende niet-hormonale
contraceptieve maatregelen treffen: gebruik van condoom of een andere barrièremethode.
Gebruik geen kalender- of temperatuurmethode. Deze methoden kunnen onbetrouwbaar zijn
doordat de pil invloed heeft op de normale veranderingen van de lichaamstemperatuur en van het
slijm in de baarmoederhals, die tijdens de menstruele cyclus optreden.
Trinovum voorkomt zwangerschap maar biedt geen bescherming tegen aids of andere seksueel
overdraagbare aandoeningen.
Gelieve ook de rubriek ‘Gebruikt
u nog andere geneesmiddelen?’
te lezen, indien u nog andere
geneesmiddelen neemt.
Vooraleer u met het gebruik van Trinovum begint
Voor en tijdens het gebruik van Trinovum tabletten dient u regelmatig gecontroleerd te worden door uw arts.
Bij het optreden van abnormale bloedingen dient u uw arts te raadplegen. Indien één van de volgende
gevallen op u van toepassing is, moet u dit zeker met uw arts bespreken vooraleer u met Trinovum begint:
als u rookt.
als u suikerziekte heeft.
als u veel te zwaar bent.
als u een hoge bloeddruk heeft.
als u een aandoening van de hartkleppen of een bepaalde hartritmestoornis heeft.
als u een aderontsteking (oppervlakkige flebitis) heeft.
als u spataders heeft.
als iemand in uw directe familie een trombose, een hartaanval of een beroerte heeft gehad.
als u last heeft van migraine.
als u epilepsie heeft.
als uzelf of iemand in uw directe familie een hoog cholesterol- of triglyceridengehalte (vetgehalte)
in het bloed heeft of dat heeft gehad.
als iemand in uw directe familie borstkanker heeft gehad.
als u een aandoening van de lever of van de galblaas heeft.
als u de ziekte van Crohn of colitis ulcerosa (chronische darmontsteking) heeft.
als u systemische lupus erythematodes (een aandoening van de huid over het gehele lichaam) heeft.
als u een haemolytisch uremisch syndroom (een aandoening van de bloedstolling die
nierinsufficiëntie veroorzaakt) heeft.
als u sikkelcelziekte heeft.
als u chloasma heeft (geel-bruine pigmentvlekken op de huid, vooral in het gezicht), of u heeft dit
gehad; als dit het geval is, vermijd dan teveel bloootstellen aan zonlicht of ultraviolette straling.
Mocht één van de genoemde situaties voor de eerste maal optreden, zich herhalen, of
verergeren terwijl u de pil gebruikt, dient u uw dokter te contacteren.
De pil en trombose
Trombose is de vorming van een bloedstolsel dat een bloedvat kan afsluiten.
Trombose treedt soms op in de diepgelegen aders van het onderbeen (diepe veneuze trombose). Als het
bloedstolsel loskomt van de ader waar het gevormd werd, kan het terechtkomen in de slagaders van de
longen en daar een bloedvat afsluiten (een zogenaamde ‘longembolie’ veroorzaken). Diepe veneuze
trombose is een zeldzaam voorval. Het kan optreden ongeacht of u al dan niet de pil neemt. Het kan
eveneens optreden wanneer u zwanger wordt. Het risico is groter bij pilgebruiksters dan bij niet-
gebruiksters, maar niet zo groot als tijdens de zwangerschap. Het risico een diepe veneuze trombose te
hebben is tijdelijk verhoogd ten gevolge van een operatie of immobilisatie (bijv. als een been - of beide
benen - in een gipsverband of een zwachtel zit). Bij vrouwen die de pil gebruiken kan dit risico nog groter
zijn. Verwittig uw dokter dat u de pil neemt, ruim vóór elke verwachte hospitalisatie of operatie.
Uw dokter kan u aanbevelen met het innemen van de pil te stoppen verschillende weken voor de operatie of
op het moment van de immobilisatie. Uw dokter kan u ook vertellen wanneer u opnieuw met de pil mag
beginnen nadat u weer helemaal op de been bent.
Zeer zelden kunnen bloedstolsels ook optreden in de bloedvaten van het hart (een hartaanval veroorzaken) of
van de hersenen (een beroerte veroorzaken). Uiterst zelden kunnen bloedstolsels optreden in de lever, de
ingewanden, de nieren of de ogen.
Het risico van een hartaanval of beroerte neemt toe met de leeftijd. Het neemt ook toe naarmate u meer
rookt. Als u de pil gebruikt, dient u te stoppen met roken, vooral als u ouder bent dan 35 jaar.
Als u hoge bloeddruk krijgt tijdens het gebruik van de pil, kan u het advies krijgen te stoppen.
Zeer occasioneel kan een trombose ernstige blijvende invaliditeit veroorzaken of zelfs fataal aflopen.
Indien u mogelijke tekenen van een trombose ervaart, stop dan het innemen van de pil en raadpleeg
onmiddellijk uw dokter (zie ook “Wanneer dient u uw dokter te contacteren?”).
Zorg ervoor dat u een alternatieve niet-hormonale anticonceptiemethode gebruikt.
De pil en kanker
Borstkanker werd iets vaker gediagnosticeerd bij vrouwen die de pil gebruiken dan bij vrouwen van dezelfde
leeftijd die de pil niet gebruiken. Deze lichte toename in het aantal diagnoses van borstkanker verdwijnt
geleidelijk tijdens het verloop van de 10 jaar na stoppen van het pilgebruik. Het is niet bekend of dit verschil
wordt veroorzaakt door de pil. Het kan ook zijn dat de vrouwen zorgvuldiger en vaker werden onderzocht,
zodat de borstkanker eerder werd ontdekt.
Er werd gemeld dat baarmoederhalskanker vaker zou optreden bij vrouwen die de pil gedurende lange tijd
gebruiken. Het kan dat deze bevinding niet door de pil wordt veroorzaakt, maar te maken heeft met het
seksueel gedrag en andere factoren.
Bij het optreden van een sterk afwijkende aanhoudende of herhaalde bloeding dient u zich verder te laten
onderzoeken door uw arts.
In zeldzame gevallen werden goedaardige levertumoren en in nog zeldzamer gevallen kwaadaardige
levertumoren gemeld bij gebruiksters van de pil. Deze tumoren kunnen aanleiding geven tot inwendige
bloeding. Neem onmiddellijk contact op met uw dokter wanneer u hevige pijn boven in de buik heeft.
Wanneer dient u uw dokter te contacteren?
Regelmatige controles:
Wanneer u de pil neemt zal uw dokter u vertellen terug te komen voor regelmatige controles. Over het
algemeen dient u elk jaar op controle te gaan.
Neem zo snel mogelijk contact op met uw dokter indien:
u veranderingen in uw gezondheid bemerkt, vooral wanneer zij te maken hebben met een van de
punten die in deze bijsluiter worden genoemd (zie ook ‘Wat u moet weten vooraleer u Trinovum
gebruikt’);
u een knobbeltje in uw borst voelt;
u andere geneesmiddelen gaat gebruiken (zie ‘Gebruikt u nog andere geneesmiddelen?’);
u geïmmobiliseerd of geopereerd gaat worden (raadpleeg uw dokter tenminste 4 weken vooraf);
u ongewone hevige bloedingen uit de vagina ervaart;
u tabletten van de eerste week van de kalenderstrip heeft vergeten en u geslachtsgemeenschap heeft
gehad in de 7 dagen voordien;
u twee maanden na elkaar geen menstruatie heeft of indien u vermoedt dat u zwanger bent (begin
niet met de volgende kalenderstrip voordat uw dokter u de toelating geeft).
STOP met het innemen van de tabletten en neem onmiddellijk contact op met uw dokter wanneer u
verschijnselen ervaart die op trombose kunnen wijzen:
een ongewone hoest;
signalen die wijzen op trombotische of trombo-embolische aandoeningen: hevige pijn in de borst, al
dan niet uitstralend naar de linkerarm, ademnood of hevige pijn in de kuit;
erg verhoogde bloeddruk;
ongewone, hevige of aanhoudende hoofdpijn of migraineaanval;
gedeeltelijk of volledig gezichtsverlies of dubbel zien;
onduidelijke spraak of spraakonbekwaamheid;
plotselinge veranderingen in uw gehoor, reuk- of smaakzin;
zwakte of ongevoeligheid in een gedeelte van het lichaam;
hevige pijn of zwelling in een van de benen;
wanneer u zwanger bent;
ernstige buikpijn of geelzucht en bij aanhoudend overgeven;
duizeligheid of bewusteloosheid.
De hierboven vermelde situaties en verschijnselen worden elders in deze bijsluiter meer in detail beschreven
en toegelicht.
Raadpleeg uw arts indien één van de bovenstaande waarschuwingen voor u van toepassing is, of dat in het
verleden is geweest.
Gebruikt u nog andere geneesmiddelen?
Gebruikt u naast Trinovum nog andere geneesmiddelen of heeft u dat kort geleden gedaan of bestaat er een
mogelijkheid dat u in de nabije toekomst andere geneesmiddelen gaat gebruiken? Vertel dat dan uw arts of
apotheker. Informeer uw arts ook steeds dat u de pil gebruikt.
Bij gelijktijdig gebruik van onderstaande middelen kan de betrouwbaarheid van de pil verminderen:
- geneesmiddelen die rifampicine bevatten (dit wordt gebruikt tegen tuberculose);
- bepaalde geneesmiddelen tegen epilepsie (primidone, carbamazepine, oxcarbazepine, fenytoïne,
barbituraten, topiramaat, felbamaat, lamotrigine, hydantoïnes);
- bepaalde geneesmiddelen tegen hiv en aids;
- geneesmiddelen die griseofulvine bevatten (dit wordt gebruikt tegen schimmelinfecties);
- geneesmiddelen die bosentan bevatten (gebruikt tegen hoge bloeddruk in de bloedvaten in de longen of
zweertjes aan de vingers);
- geneesmiddelen die modafinil bevatten (gebruikt bij narcolepsie, een bepaalde slaapstoornis);
- bepaalde antibiotica (dit zijn geneesmiddelen tegen infecties die veroorzaakt zijn door bacteriën).
- bepaalde middelen op kruidenbasis waaronder sint-janskruid. Gelijktijdig gebruik van middelen op basis
van sint-janskruid kan leiden tot een verminderde werking van de pil. U moet daarom sint-janskruid niet
gelijktijdig met de pil gebruiken.
Gebruik in de periode dat u deze middelen gebruikt en 7 dagen erna, naast Trinovum, ook een ander
voorbehoedmiddel.
Sommige geneesmiddelen en pompelmoessap kunnen de hoeveelheid ethinylestradiol (een bestanddeel van
Trinovum) verhogen bij gelijktijdig gebruik. Deze omvatten:
- paracetamol (een pijnstiller)
- vitamine C
- itraconazol, ketoconazol, voriconazol en fluconazol (gebruikt bij schimmelinfecties)
- atorvastatine en rosuvastatine (gebruikt bij verhoogd cholesterolgehalte)
Trinovum kan ook de hoeveelheid van de volgende gelijktijdig ingenomen geneesmiddelen in het bloed
doen stijgen:
- ciclosporine (onderdrukt het immuunsysteem)
- omeprazol (gebruikt bij maagzweren)
- prednisolon (een corticosteroïd, gebruikt bij ontstekingen)
- theofylline (gebruikt bij astma)
- voriconazol (gebruikt bij schimmelinfecties)
Trinovum kan ook de hoeveelheid van de volgende gelijktijdig ingenomen geneesmiddelen in het bloed
doen dalen:
- paracetamol (een pijnstiller)
- clofibrinezuur (gebruikt bij verhoogd cholesterolgehalte)
- lamotrigine (gebruikt bij epilepsie)
- morfine (een sterke pijnstiller)
- salicylzuur (gebruikt bij de behandeling van wratten)
- temazepam (gebruikt bij slapeloosheid en angststoornissen)
Bij gelijktijdige inname van Trinovum met lamotrigine (een geneesmiddel tegen epilepsie) kan de
hoeveelheid lamotrigine in het bloed verminderen, waardoor epilepsie-aanvallen minder onder controle zijn.
Eventueel moet de dosis lamotrigine aangepast worden.
Raadpleeg bij twijfel altijd uw arts of apotheker.
Zwangerschap en borstvoeding
Wanneer zwangerschap wordt vastgesteld of vermoed, dient het gebruik van Trinovum te worden stopgezet.
Trinovum wordt niet aangeraden voor gebruik tijdens borstvoeding.
Orale contraceptiva gegeven tijdens de borstvoedingsperiode kunnen de melkproductie verminderen. Slechts
een klein gedeelte van het dagelijks ingenomen geneesmiddel werd in de moedermelk teruggevonden. Een
weerslag, indien deze bestaat, op het zogende kind, werd niet waargenomen. Indien mogelijk zal het gebruik
van Trinovum worden uitgesteld tot na het stopzetten van de borstvoeding.
Bent u zwanger, denkt u zwanger te zijn, wilt u zwanger worden of geeft u borstvoeding? Neem dan contact
op met uw arts of apotheker voordat u dit geneesmiddel gebruikt.
Rijvaardigheid en het gebruik van machines
Het gebruik van Trinovum heeft geen invloed op de rijvaardigheid en op het vermogen om machines te
bedienen.
Trinovum bevat lactose en oranjegeel S
De kleurstof oranjegeel S (E110) kan allergische reacties veroorzaken.
Indien uw arts u heeft meegedeeld dat u bepaalde suikers niet verdraagt, neem dan contact op met uw arts
voordat u dit geneesmiddel inneemt.
3. HOE GEBRUIKT U TRINOVUM?
Gebruik Trinovum altijd precies zoals uw arts u dat heeft verteld. Twijfelt u over het juiste gebruik? Neem
dan contact op met uw arts of apotheker. Laat u tijdens de toepassing regelmatig door uw arts controleren.
Wanneer begint u met het innemen van Trinovum?
Heel eenvoudig. U begint met de inname van de tabletten op de eerste dag van de maandstonden. U neemt
als eerste de witte tablet met het nummer 1. De overeenkomstige dag op de verticale band met
dagaanduiding aan de achterzijde van de strip moet u doorprikken. Dit vergemakkelijkt de controle van de
dagelijkse inname omdat de inname van tabletten 1, 8 en 15 altijd op eenzelfde dag van de week zal zijn.
U kan ook op dag 2 tot dag 5 van uw maandstonden beginnen, maar dan moet u er tijdens de eerste cyclus
voor zorgen dat u een aanvullende contraceptieve methode (een barrièremethode) toepast gedurende de
eerste 7 dagen dat u tabletten neemt.
Bij het overschakelen van een andere pil
Als u eerst een andere anticonceptiepil gebruikte en nu overschakelt op Trinovum, kunt u het beste beginnen
op de dag na de 21ste tablet van uw vorige pil. Begin nooit later dan dag 28 na de eerste inname van uw
vorige pilstrip.
Als u overschakelt van een zogenaamde progestageenmethode (minipil, prikpil of implantaat) moet u tijdens
de eerste 7 dagen van het gebruik van Trinovum aanvullende voorbehoedmiddelen gebruiken.
Hoe verloopt de verdere inname?
Gedurende 21 opeenvolgende dagen, neemt u één tablet per dag in. U begint met de witte tabletten,
vervolgens neemt u de licht perzikkleurige en u eindigt met de perzikkleurige tabletten, in de genummerde
en met pijltjes aangegeven volgorde.
Op welk tijdstip van de dag moet u de tablet innemen?
Trinovum is alleen dan volledig betrouwbaar, als u elke dag en rond hetzelfde tijdstip één tablet inneemt (bij
voorkeur 's avonds voor het slapengaan, met een weinig vloeistof).
Wat moet u doen als de strip leeg is?
Na inname van de laatste tablet volgt een periode van 7 dagen waarin geen tabletten worden ingenomen.
Tijdens die tabletvrije periode, gewoonlijk 2 à 4 dagen na het innemen van de laatste tablet, treedt normaal
een bloeding op. Die is meestal iets minder dan normale maandstonden. In sommige gevallen kan die op
maandstonden gelijkende bloeding uitblijven. Indien Trinovum echter volgens het voorschrift werd
ingenomen, is het weinig waarschijnlijk dat het uitblijven van een dergelijke bloeding wijst op een
zwangerschap. Wel moet u het aan uw arts meedelen indien die stoornissen bij herhaling optreden.
Wanneer begint u met de volgende strip?
Na een pauze van 7 dagen begint u met uw volgende strip. Omdat één strip 21 tabletten bevat (precies 3
weken) en u 7 dagen lang geen tabletten inneemt, begint u met een tweede strip precies 4 weken na uw
eerste strip, op dezelfde dag van de week. Als u met de eerste strip dus bijvoorbeeld op een woensdag bent
begonnen, dan begint iedere strip die daarna komt ook op een woensdag. Met die tweede strip gaat u op
dezelfde manier verder als met de eerste: de tabletten innemen in de met pijltjes aangegeven volgorde.
Soms kan het voorkomen dat uw bloeding na de week zonder tabletten nog niet over is of dat er tijdens de
tabletvrije periode geen bloeding is opgetreden. Ook dan moet u gewoon beginnen met de nieuwe strip, op
de juiste dag.
Wat te doen bij het vergeten van één of twee tabletten
Als u er binnen 12 uur nadat u de tablet had moeten innemen, achter komt dat u dat vergeten bent, kunt u de
vergeten tablet alsnog innemen. Merkt u het pas de volgende ochtend, dan neemt u die dag dus twee
tabletten in: ‘s morgens de vergeten tablet, ‘s avonds gewoon de tablet die aan de beurt is. De volgende
tablet moet u dan weer op de gebruikelijke tijd innemen. U bent dan nog voldoende beschermd tegen
zwangerschap.
Als u de tablet meer dan 12 uur te laat inneemt, kan de werking verminderen.
Vergat u een tablet in de eerste week?
Neem deze dan direct in als u eraan denkt. Ook als dit gelijktijdig met de volgende tablet is. Gebruik
bovendien de eerstvolgende 7 dagen aanvullende voorbehoedsmiddelen. Als u in de dagen voor de
vergeten tablet geslachtsverkeer heeft, kan het zijn dat u toch zwanger wordt. Raadpleeg eventueel uw
arts.
Vergat u een tablet in de tweede week?
Neem deze dan direct in als u eraan denkt. Ook als dit gelijktijdig met de volgende tablet is. Als u in de
tweede week meer dan 1 tablet vergat, dan moet u tijdens de eerstvolgende 7 dagen aanvullende
voorbehoedsmiddelen gebruiken.
Vergat u een tablet in de derde week?
U kunt het volgende doen:
Neem de vergeten tablet direct in als u eraan denkt. Ook als dit gelijktijdig met de volgende tablet is.
Aan het einde van de strip begint u echter direct aan de volgende strip, zonder een pilvrije periode. De
gebruikelijke bloeding zal niet plaatsvinden. Tijdens de volgende strip kunt u wel zo nu en dan een
beetje bloed verliezen.
Maak de strip niet af en las een tabletvrije periode van maximaal 6 dagen in (inclusief de dag van de
vergeten tablet). Begin daarna aan een nieuwe strip.
Wat te doen bij het vergeten van meer dan twee tabletten
In het geval dat meer dan 2 tabletten werden vergeten ongeacht het tijdstip (week 1, week 2, week 3), zal
men gewoonlijk een nieuwe strip beginnen. Gelijktijdig moet een aanvullend voorbehoedmiddel worden
gebruikt in de eerstvolgende 7 dagen.
Als er in de eerstvolgende normale tabletvrije week geen bloeding plaatsvindt, kan het zijn dat u zwanger
bent. Raadpleeg uw arts.
Wat met een bloeding tijdens de tabletinname?
Indien u tijdens de inname van Trinovum tussentijdse bloedingen in de vorm van spotting (gering
bloedverlies of bruinachtige afscheiding) of doorbraakbloedingen (bloeding die in sterkte op normale
maandstonden lijkt) optreden, mag het innemen niet onderbroken worden. Indien, wat uitzonderlijk
voorkomt, na de eerste maanden van inname dergelijke bloedingen blijven aanhouden, dan moet u uw arts
raadplegen.
Wat als u moet braken of diarree heeft?
Als u moet braken of diarree krijgt binnen de 3 uur na inname, dan is de betrouwbaarheid van Trinovum niet
meer verzekerd. U dient de tabletten van deze strip verder in te nemen, maar u maakt bovendien gebruik van
een aanvullende, niet-hormonale contraceptieve methode (bijv. condoom) met uitzondering van de
kalendermethode volgens Ogino-Knaus of de temperatuurmethode.
Indien het braken en/of de diarree slechts van korte duur was, kan u de betrouwbaarheid herstellen door
dezelfde dag nog een tweede tablet te nemen.
Wat te doen als u uw maandstonden wil uitstellen voor enkele dagen?
Om uw maandstonden met enkele dagen uit te stellen, moet u de behandeling enkele dagen langer dan
normaal verderzetten, zonder een tabletvrije periode in te lassen. Naargelang de wens kan u met deze strip
een aantal dagen of tot het einde van de tweede strip doorgaan. Tijdens de verlenging kan een
doorbraakbloeding optreden.
Na de gebruikelijke tabletvrije periode van 7 dagen wordt de normale inname van Trinovum hervat.
Wat te doen als u de eerste dag van uw maandstonden wil verplaatsen?
Als u uw dragees inneemt volgens de richtlijnen, dan zal u om de 4 weken uw menstruatie hebben op
ongeveer dezelfde dag. Indien u dit wenst te wijzigen, hoeft u enkel het volgende interval zonder dragees te
verkorten (nooit verlengen).
Bijvoorbeeld, als uw menstruatie gewoonlijk op een vrijdag begint, en u wenst dat het in de toekomst op een
dinsdag begint (3 dagen vroeger) dan dient u met uw volgende strip 3 dagen eerder te beginnen dan
gewoonlijk. Als u uw drageevrije interval zeer kort maakt (bijv. 3 dagen of minder), is het mogelijk dat u
geen bloeding heeft tijdens het interval. U kan wat doorbraakbloeding of spotting ervaren tijdens het gebruik
van de volgende strip.
Hoe betrouwbaar is Trinovum?
De bescherming tegen zwangerschap begint de eerste dag van de inname en duurt voort tijdens de tabletvrije
periode.
Bij optimaal gebruik, d.w.z. correcte inname van de tabletten elke dag op ongeveer hetzelfde tijdstip, is de
kans op zwangerschap minder dan 0,1 % per jaar (minder dan 1 zwangerschap per 1000 vrouwen per jaar).
De kans op falen van contraceptie in het algemeen bedraagt 3 % rekening houdende met vrouwen die de
methode niet op de juiste manier gebruiken.
Heeft u te veel Trinovum gebruikt ?
Ernstige nevenwerkingen in gevallen van inname van hoge doses orale contraceptiva zijn tot op heden niet
beschreven en zijn niet te verwachten, zelfs bij accidentele inname door jonge kinderen.
Bij inname van te grote hoeveelheden kan misselijkheid optreden; bij meisjes kan een vaginale bloeding
optreden. Indien nodig kan een maagspoeling worden uitgevoerd.
Wanneer u te veel van Trinovum heeft gebruikt of ingenomen, neem dan onmiddellijk contact op met uw
arts, apotheker of het Antigifcentrum (070/245.245).
Als u stopt met het gebruik van Trinovum
Heeft u nog andere vragen over het gebruik van dit geneesmiddel? Neem dan contact op met uw arts of
apotheker.
4. MOGELIJKE BIJWERKINGEN
Zoals elk geneesmiddel kan ook dit geneesmiddel bijwerkingen hebben, al krijgt niet iedereen daarmee te
maken.
Ernstige bijwerkingen
Ernstige bijwerkingen die met het gebruik van de pil in verband zijn gebracht evenals de betreffende
verschijnselen worden beschreven in ‘Wanneer moet u extra voorzichtig zijn met Trinovum’, vooral in de
rubrieken ’De pil en trombose’ en ‘De pil en kanker’. Lees eveneens de rubriek ‘Wanneer mag u Trinovum
niet gebruiken?’.
Andere mogelijke bijwerkingen
De volgende bijwerkingen worden genoemd door pilgebruiksters, hoewel het niet zeker is of ze door de pil
veroorzaakt worden. Deze bijwerkingen kunnen in de eerste paar maanden dat u de pil gebruikt optreden en
gewoonlijk gaan ze met de tijd verminderen:
- Braakneigingen en andere bijwerkingen ter hoogte van het maagdarmstelsel;
- tussentijdse bloedingen en veranderingen in vaginale afscheiding;
- vochtophoping;
- verhoging van het lichaamsgewicht;
- stoornissen in de werking van de lever (die meestal verdwijnen bij het stopzetten van de
behandeling);
- spanningsgevoel in de borsten, vochtafscheiding uit de tepels;
- verminderde of uitblijven van onttrekkingsbloeding (als de bloeding gedurende verschillende cycli
uitblijft, dient zwangerschap te worden uitgesloten);
- zenuwachtigheid en prikkelbaarheid;
- hoofdpijn, vermoeidheid;
- neerslachtigheid;
- verandering in seksuele lust;
-
-
-
-
irritatie van de ogen bij gebruik van contactlenzen;
huidreacties;
verkleuring van de huid ter hoogte van het aangezicht;
koorts.
Krijgt u veel last van een van de bijwerkingen? Of krijgt u een bijwerking die niet in deze bijsluiter staat?
Neem dan contact op met uw arts of apotheker.
5. HOE BEWAART U TRINOVUM?
Bewaren beneden 30°C.
Buiten het zicht en bereik van kinderen houden.
Gebruik dit geneesmiddel niet meer na de uiterste houdbaarheidsdatum. Die is te vinden op de doos en de
blisterverpakking na EXP. Daar staat een maand en een jaar. De laatste dag van die maand is de uiterste
houdbaarheidsdatum.
Spoel geneesmiddelen niet door de gootsteen of de WC en gooi ze niet in de vuilnisbak. Vraag uw apotheker
wat u met geneesmiddelen moet doen die u niet meer gebruikt. Ze worden dan op een verantwoorde manier
vernietigd en komen niet in het milieu terecht.
6. INHOUD VAN DE VERPAKKING EN OVERIGE INFORMATIE
Welke stoffen zitten er in Trinovum?
- De werkzame stoffen in dit geneesmiddel zijn norethisteron en ethinylestradiol.
- De andere stoffen in dit geneesmiddel zijn:
Witte tabletten: Gepregelatineerd maïszetmeel, magnesiumstearaat en lactose.
Lichte perzikkleurige tabletten: Gepregelatineerd maïszetmeel, magnesiumstearaat, oranjegeel S (E 110)
en lactose.
Perzikkleurige tabletten: Gepregelatineerd maïszetmeel, magnesiumstearaat, oranjegeel S (E 110) en
lactose.
Hoe ziet Trinovum eruit en hoeveel zit er in een verpakking?
De tabletten zijn beschikbaar in verpakkingen met 1 x 21, 3 x 21 of 6 x 21 tabletten.
Elke blisterverpakking bevat:
*7 witte tabletten met 0,50 mg norethisteron en 0,035 mg ethinylestradiol
*7 lichte perzikkleurige tabletten met 0,75 mg norethisteron en 0,035 mg ethinylestradiol
*7 perzikkleurige tabletten met 1,0 mg norethisteron en 0,035 mg ethinylestradiol.
Houder van de vergunning voor het in de handel brengen en fabrikant
Janssen-Cilag NV
Antwerpseweg 15-17
B-2340 Beerse
België
Fabrikant
Janssen Pharmaceutica NV
Turnhoutseweg 30
B-2340 Beerse
België
Nummer van de vergunning voor het in de handel brengen
BE132885
Afleveringswijze
Op medisch voorschrift.
Deze bijsluiter is voor de laatste keer goedgekeurd:
02/2012

Trinovum tabletten
norethisteron en ethinylestradiol
Lees goed de hele bijsluiter voordat u dit geneesmiddel gaat gebruiken, want er staat belangrijke
informatie in voor u.
-
Bewaar deze bijsluiter. Misschien heeft u hem later weer nodig.
- Heeft u nog vragen? Neem dan contact op met uw arts of apotheker.
- Geef dit geneesmiddel niet door aan anderen, want het is alleen aan u voorgeschreven. Het kan
schadelijk zijn voor anderen, ook al hebben zij dezelfde klachten als u.
- Krijgt u veel last van een van de bijwerkingen die in rubriek 4 staan? Of krijgt u een bijwerking die
niet in deze bijsluiter staat? Neem dan contact op met uw arts of apotheker.
Inhoud van deze bijsluiter
1. Waarvoor wordt Trinovum gebruikt?
2. TrinovumWanneer mag u Trinovum niet gebruiken of moet u er extra voorzichtig mee zijn?
3. Hoe gebruikt u Trinovum?
4. Mogelijke bijwerkingen
5. Hoe bewaart u Trinovum?
6. Inhoud van de verpakking en overige informatie
1. WAARVOOR WORDT TRINOVUM GEBRUIKT?
Trinovum is een trifasisch oraal contraceptivum ter voorkoming van zwangerschap.
2. WANNEER MAG U TRINOVUM NIET GEBRUIKEN OF MOET U ER EXTRA
VOORZICHTIG MEE ZIJN?

Wanneer mag u Trinovum niet gebruiken?
· u bent allergisch voor één van de stoffen die in dit geneesmiddel zitten. Deze stoffen kunt u vinden onder
rubriek 6.
· als u borstkanker of kanker van de geslachtsorganen heeft of hebt gehad.
· als u een goedaardig of kwaadaardig gezwel aan de lever heeft of hebt gehad.
· als u bloedingen uit de vagina heeft, waarvan de oorzaak niet is vastgesteld.
· als u geelzucht (geel worden van de huid) of een ernstige leveraandoening heeft.
· als u suikerziekte heeft met aantasting van de bloedvaten.
· als u trombo-embolische aandoeningen heeft of hebt gehad (waarbij een dergelijk bloedstolsel loskomt
van de vaatwand en een verstopping van een kleiner bloedvat veroorzaakt), bijvoorbeeld ter hoogte van
de benen (diepe veneuze trombose), hersenen (beroerte), de longen (longembolie) of het hart
(hartaanval).
· als u een aandoening heeft of ooit hebt gehad die een mogelijke voorbode kan zijn van een hartaanval
(zoals angina pectoris of pijn op de borst) of van een beroerte (zoals voorbijgaande ischemische aanval of
kleine, omkeerbare beroerte).
· als er gelijktijdig risicofactoren aanwezig zijn, zoals: verhoogde bloeddruk, suikerziekte, aandoeningen
van de gal en de lever, een te hoog vetgehalte in het bloed, zwaarlijvigheid, roken, ouder dan 35 à 40 jaar.
Indien deze factoren aanwezig zijn, moet overwogen worden om met Trinovum te stoppen.
· als er pijn in de borst optreedt en bij enkeloedeem dient het gebruik van Trinovum onmiddellijk te
worden stopgezet. Een zelfde maatregel dringt zich op bij het ontstaan van gezichtsmoeilijkheden en
migraine.
Indien één van deze situaties op u van toepassing is, deel dat aan uw dokter mee alvorens met het gebruik
van Trinovum te beginnen. Uw dokter kan u aanraden een ander type van pil of een totaal andere (niet-
hormonale) methode van geboorteregeling te gebruiken.
Mocht een van deze situaties voor het eerst optreden terwijl u de pil gebruikt, stop dan onmiddellijk met het
innemen en raadpleeg uw dokter. Gebruik ondertussen niet-hormonale contraceptieve maatregelen. Zie ook
rubriek `algemene opmerkingen'.
Wanneer moet u extra voorzichtig zijn met Trinovum?
Algemene opmerkingen
In deze bijsluiter zijn verschillende situaties beschreven waarbij u het gebruik van de pil moet
stoppen, of waarbij de betrouwbaarheid van de pil verminderd kan zijn. In dergelijke situaties
mag u geen geslachtsgemeenschap hebben ofwel moet u aanvullende niet-hormonale
contraceptieve maatregelen treffen: gebruik van condoom of een andere barrièremethode.
Gebruik geen kalender- of temperatuurmethode. Deze methoden kunnen onbetrouwbaar zijn
doordat de pil invloed heeft op de normale veranderingen van de lichaamstemperatuur en van het
slijm in de baarmoederhals, die tijdens de menstruele cyclus optreden.
Trinovum voorkomt zwangerschap maar biedt geen bescherming tegen aids of andere seksueel
overdraagbare aandoeningen.
Gelieve ook de rubriek `Gebruikt u nog andere geneesmiddelen?' te lezen, indien u nog andere
geneesmiddelen neemt.
Vooraleer u met het gebruik van Trinovum begint
Voor en tijdens het gebruik van Trinovum tabletten dient u regelmatig gecontroleerd te worden door uw arts.
Bij het optreden van abnormale bloedingen dient u uw arts te raadplegen. Indien één van de volgende
gevallen op u van toepassing is, moet u dit zeker met uw arts bespreken vooraleer u met Trinovum begint:
· als u rookt.
· als u suikerziekte heeft.
· als u veel te zwaar bent.
· als u een hoge bloeddruk heeft.
· als u een aandoening van de hartkleppen of een bepaalde hartritmestoornis heeft.
· als u een aderontsteking (oppervlakkige flebitis) heeft.
· als u spataders heeft.
· als iemand in uw directe familie een trombose, een hartaanval of een beroerte heeft gehad.
· als u last heeft van migraine.
· als u epilepsie heeft.
· als uzelf of iemand in uw directe familie een hoog cholesterol- of triglyceridengehalte (vetgehalte)
in het bloed heeft of dat heeft gehad.
· als iemand in uw directe familie borstkanker heeft gehad.
· als u een aandoening van de lever of van de galblaas heeft.
· als u de ziekte van Crohn of colitis ulcerosa (chronische darmontsteking) heeft.
· als u systemische lupus erythematodes (een aandoening van de huid over het gehele lichaam) heeft.
· als u een haemolytisch uremisch syndroom (een aandoening van de bloedstolling die
nierinsufficiëntie veroorzaakt) heeft.
· als u sikkelcelziekte heeft.
· als u chloasma heeft (geel-bruine pigmentvlekken op de huid, vooral in het gezicht), of u heeft dit
De pil en trombose

Trombose is de vorming van een bloedstolsel dat een bloedvat kan afsluiten.
Trombose treedt soms op in de diepgelegen aders van het onderbeen (diepe veneuze trombose). Als het
bloedstolsel loskomt van de ader waar het gevormd werd, kan het terechtkomen in de slagaders van de
longen en daar een bloedvat afsluiten (een zogenaamde `longembolie' veroorzaken). Diepe veneuze
trombose is een zeldzaam voorval. Het kan optreden ongeacht of u al dan niet de pil neemt. Het kan
eveneens optreden wanneer u zwanger wordt. Het risico is groter bij pilgebruiksters dan bij niet-
gebruiksters, maar niet zo groot als tijdens de zwangerschap. Het risico een diepe veneuze trombose te
hebben is tijdelijk verhoogd ten gevolge van een operatie of immobilisatie (bijv. als een been - of beide
benen - in een gipsverband of een zwachtel zit). Bij vrouwen die de pil gebruiken kan dit risico nog groter
zijn. Verwittig uw dokter dat u de pil neemt, ruim vóór elke verwachte hospitalisatie of operatie.
Uw dokter kan u aanbevelen met het innemen van de pil te stoppen verschillende weken voor de operatie of
op het moment van de immobilisatie. Uw dokter kan u ook vertellen wanneer u opnieuw met de pil mag
beginnen nadat u weer helemaal op de been bent.
Zeer zelden kunnen bloedstolsels ook optreden in de bloedvaten van het hart (een hartaanval veroorzaken) of
van de hersenen (een beroerte veroorzaken). Uiterst zelden kunnen bloedstolsels optreden in de lever, de
ingewanden, de nieren of de ogen.
Het risico van een hartaanval of beroerte neemt toe met de leeftijd. Het neemt ook toe naarmate u meer
rookt. Als u de pil gebruikt, dient u te stoppen met roken, vooral als u ouder bent dan 35 jaar.
Als u hoge bloeddruk krijgt tijdens het gebruik van de pil, kan u het advies krijgen te stoppen.
Zeer occasioneel kan een trombose ernstige blijvende invaliditeit veroorzaken of zelfs fataal aflopen.
Indien u mogelijke tekenen van een trombose ervaart, stop dan het innemen van de pil en raadpleeg
onmiddellijk uw dokter (zie ook 'Wanneer dient u uw dokter te contacteren?').
Zorg ervoor dat u een alternatieve niet-hormonale anticonceptiemethode gebruikt.
De pil en kanker
Borstkanker werd iets vaker gediagnosticeerd bij vrouwen die de pil gebruiken dan bij vrouwen van dezelfde
leeftijd die de pil niet gebruiken. Deze lichte toename in het aantal diagnoses van borstkanker verdwijnt
geleidelijk tijdens het verloop van de 10 jaar na stoppen van het pilgebruik. Het is niet bekend of dit verschil
wordt veroorzaakt door de pil. Het kan ook zijn dat de vrouwen zorgvuldiger en vaker werden onderzocht,
zodat de borstkanker eerder werd ontdekt.
Er werd gemeld dat baarmoederhalskanker vaker zou optreden bij vrouwen die de pil gedurende lange tijd
gebruiken. Het kan dat deze bevinding niet door de pil wordt veroorzaakt, maar te maken heeft met het
seksueel gedrag en andere factoren.
Bij het optreden van een sterk afwijkende aanhoudende of herhaalde bloeding dient u zich verder te laten
onderzoeken door uw arts.
In zeldzame gevallen werden goedaardige levertumoren en in nog zeldzamer gevallen kwaadaardige
levertumoren gemeld bij gebruiksters van de pil. Deze tumoren kunnen aanleiding geven tot inwendige
bloeding. Neem onmiddellijk contact op met uw dokter wanneer u hevige pijn boven in de buik heeft.
Neem zo snel mogelijk contact op met uw dokter indien:
· u veranderingen in uw gezondheid bemerkt, vooral wanneer zij te maken hebben met een van de
punten die in deze bijsluiter worden genoemd (zie ook `Wat u moet weten vooraleer u Trinovum
gebruikt');
· u een knobbeltje in uw borst voelt;
· u andere geneesmiddelen gaat gebruiken (zie `Gebruikt u nog andere geneesmiddelen?');
· u geïmmobiliseerd of geopereerd gaat worden (raadpleeg uw dokter tenminste 4 weken vooraf);
· u ongewone hevige bloedingen uit de vagina ervaart;
· u tabletten van de eerste week van de kalenderstrip heeft vergeten en u geslachtsgemeenschap heeft
gehad in de 7 dagen voordien;
· u twee maanden na elkaar geen menstruatie heeft of indien u vermoedt dat u zwanger bent (begin
niet met de volgende kalenderstrip voordat uw dokter u de toelating geeft).
STOP met het innemen van de tabletten en neem onmiddellijk contact op met uw dokter wanneer u
verschijnselen ervaart die op trombose kunnen wijzen:

· een ongewone hoest;
· signalen die wijzen op trombotische of trombo-embolische aandoeningen: hevige pijn in de borst, al
dan niet uitstralend naar de linkerarm, ademnood of hevige pijn in de kuit;
· erg verhoogde bloeddruk;
· ongewone, hevige of aanhoudende hoofdpijn of migraineaanval;
· gedeeltelijk of volledig gezichtsverlies of dubbel zien;
· onduidelijke spraak of spraakonbekwaamheid;
· plotselinge veranderingen in uw gehoor, reuk- of smaakzin;
· zwakte of ongevoeligheid in een gedeelte van het lichaam;
· hevige pijn of zwelling in een van de benen;
· wanneer u zwanger bent;
· ernstige buikpijn of geelzucht en bij aanhoudend overgeven;
· duizeligheid of bewusteloosheid.
De hierboven vermelde situaties en verschijnselen worden elders in deze bijsluiter meer in detail beschreven
en toegelicht.
Raadpleeg uw arts indien één van de bovenstaande waarschuwingen voor u van toepassing is, of dat in het
verleden is geweest.
Gebruikt u nog andere geneesmiddelen?
Gebruikt u naast Trinovum nog andere geneesmiddelen of heeft u dat kort geleden gedaan of bestaat er een
mogelijkheid dat u in de nabije toekomst andere geneesmiddelen gaat gebruiken? Vertel dat dan uw arts of
apotheker. Informeer uw arts ook steeds dat u de pil gebruikt.
Bij gelijktijdig gebruik van onderstaande middelen kan de betrouwbaarheid van de pil verminderen:
- geneesmiddelen die rifampicine bevatten (dit wordt gebruikt tegen tuberculose);
- bepaalde geneesmiddelen tegen epilepsie (primidone, carbamazepine, oxcarbazepine, fenytoïne,
barbituraten, topiramaat, felbamaat, lamotrigine, hydantoïnes);
- bepaalde geneesmiddelen tegen hiv en aids;
- geneesmiddelen die griseofulvine bevatten (dit wordt gebruikt tegen schimmelinfecties);
- geneesmiddelen die bosentan bevatten (gebruikt tegen hoge bloeddruk in de bloedvaten in de longen of
zweertjes aan de vingers);
Gebruik in de periode dat u deze middelen gebruikt en 7 dagen erna, naast Trinovum, ook een ander
voorbehoedmiddel.
Sommige geneesmiddelen en pompelmoessap kunnen de hoeveelheid ethinylestradiol (een bestanddeel van
Trinovum) verhogen bij gelijktijdig gebruik. Deze omvatten:
- paracetamol (een pijnstiller)
- vitamine C
- itraconazol, ketoconazol, voriconazol en fluconazol (gebruikt bij schimmelinfecties)
- atorvastatine en rosuvastatine (gebruikt bij verhoogd cholesterolgehalte)
Trinovum kan ook de hoeveelheid van de volgende gelijktijdig ingenomen geneesmiddelen in het bloed
doen stijgen:
- ciclosporine (onderdrukt het immuunsysteem)
- omeprazol (gebruikt bij maagzweren)
- prednisolon (een corticosteroïd, gebruikt bij ontstekingen)
- theofylline (gebruikt bij astma)
- voriconazol (gebruikt bij schimmelinfecties)
Trinovum kan ook de hoeveelheid van de volgende gelijktijdig ingenomen geneesmiddelen in het bloed
doen dalen:
- paracetamol (een pijnstiller)
- clofibrinezuur (gebruikt bij verhoogd cholesterolgehalte)
- lamotrigine (gebruikt bij epilepsie)
- morfine (een sterke pijnstiller)
- salicylzuur (gebruikt bij de behandeling van wratten)
- temazepam (gebruikt bij slapeloosheid en angststoornissen)
Bij gelijktijdige inname van Trinovum met lamotrigine (een geneesmiddel tegen epilepsie) kan de
hoeveelheid lamotrigine in het bloed verminderen, waardoor epilepsie-aanvallen minder onder controle zijn.
Eventueel moet de dosis lamotrigine aangepast worden.
Raadpleeg bij twijfel altijd uw arts of apotheker.
Zwangerschap en borstvoeding
Wanneer zwangerschap wordt vastgesteld of vermoed, dient het gebruik van Trinovum te worden stopgezet.
Trinovum wordt niet aangeraden voor gebruik tijdens borstvoeding.
Orale contraceptiva gegeven tijdens de borstvoedingsperiode kunnen de melkproductie verminderen. Slechts
een klein gedeelte van het dagelijks ingenomen geneesmiddel werd in de moedermelk teruggevonden. Een
weerslag, indien deze bestaat, op het zogende kind, werd niet waargenomen. Indien mogelijk zal het gebruik
van Trinovum worden uitgesteld tot na het stopzetten van de borstvoeding.
Bent u zwanger, denkt u zwanger te zijn, wilt u zwanger worden of geeft u borstvoeding? Neem dan contact
op met uw arts of apotheker voordat u dit geneesmiddel gebruikt.
Rijvaardigheid en het gebruik van machines
Het gebruik van Trinovum heeft geen invloed op de rijvaardigheid en op het vermogen om machines te
bedienen.
Gebruik Trinovum altijd precies zoals uw arts u dat heeft verteld. Twijfelt u over het juiste gebruik? Neem
dan contact op met uw arts of apotheker. Laat u tijdens de toepassing regelmatig door uw arts controleren.
Wanneer begint u met het innemen van Trinovum?
Heel eenvoudig. U begint met de inname van de tabletten op de eerste dag van de maandstonden. U neemt
als eerste de witte tablet met het nummer 1. De overeenkomstige dag op de verticale band met
dagaanduiding aan de achterzijde van de strip moet u doorprikken. Dit vergemakkelijkt de controle van de
dagelijkse inname omdat de inname van tabletten 1, 8 en 15 altijd op eenzelfde dag van de week zal zijn.
U kan ook op dag 2 tot dag 5 van uw maandstonden beginnen, maar dan moet u er tijdens de eerste cyclus
voor zorgen dat u een aanvullende contraceptieve methode (een barrièremethode) toepast gedurende de
eerste 7 dagen dat u tabletten neemt.
Bij het overschakelen van een andere pil
Als u eerst een andere anticonceptiepil gebruikte en nu overschakelt op Trinovum, kunt u het beste beginnen
op de dag na de 21ste tablet van uw vorige pil. Begin nooit later dan dag 28 na de eerste inname van uw
vorige pilstrip.
Als u overschakelt van een zogenaamde progestageenmethode (minipil, prikpil of implantaat) moet u tijdens
de eerste 7 dagen van het gebruik van Trinovum aanvullende voorbehoedmiddelen gebruiken.
Hoe verloopt de verdere inname?
Gedurende 21 opeenvolgende dagen, neemt u één tablet per dag in. U begint met de witte tabletten,
vervolgens neemt u de licht perzikkleurige en u eindigt met de perzikkleurige tabletten, in de genummerde
en met pijltjes aangegeven volgorde.
Op welk tijdstip van de dag moet u de tablet innemen?
Trinovum is alleen dan volledig betrouwbaar, als u elke dag en rond hetzelfde tijdstip één tablet inneemt (bij
voorkeur 's avonds voor het slapengaan, met een weinig vloeistof).
Wat moet u doen als de strip leeg is?
Na inname van de laatste tablet volgt een periode van 7 dagen waarin geen tabletten worden ingenomen.
Tijdens die tabletvrije periode, gewoonlijk 2 à 4 dagen na het innemen van de laatste tablet, treedt normaal
een bloeding op. Die is meestal iets minder dan normale maandstonden. In sommige gevallen kan die op
maandstonden gelijkende bloeding uitblijven. Indien Trinovum echter volgens het voorschrift werd
ingenomen, is het weinig waarschijnlijk dat het uitblijven van een dergelijke bloeding wijst op een
zwangerschap. Wel moet u het aan uw arts meedelen indien die stoornissen bij herhaling optreden.
Wanneer begint u met de volgende strip?
Na een pauze van 7 dagen begint u met uw volgende strip. Omdat één strip 21 tabletten bevat (precies 3
weken) en u 7 dagen lang geen tabletten inneemt, begint u met een tweede strip precies 4 weken na uw
eerste strip, op dezelfde dag van de week. Als u met de eerste strip dus bijvoorbeeld op een woensdag bent
begonnen, dan begint iedere strip die daarna komt ook op een woensdag. Met die tweede strip gaat u op
dezelfde manier verder als met de eerste: de tabletten innemen in de met pijltjes aangegeven volgorde.
Soms kan het voorkomen dat uw bloeding na de week zonder tabletten nog niet over is of dat er tijdens de
tabletvrije periode geen bloeding is opgetreden. Ook dan moet u gewoon beginnen met de nieuwe strip, op
de juiste dag.
Neem deze dan direct in als u eraan denkt. Ook als dit gelijktijdig met de volgende tablet is. Gebruik
bovendien de eerstvolgende 7 dagen aanvullende voorbehoedsmiddelen. Als u in de dagen voor de
vergeten tablet geslachtsverkeer heeft, kan het zijn dat u toch zwanger wordt. Raadpleeg eventueel uw
arts.
· Vergat u een tablet in de tweede week?
Neem deze dan direct in als u eraan denkt. Ook als dit gelijktijdig met de volgende tablet is. Als u in de
tweede week meer dan 1 tablet vergat, dan moet u tijdens de eerstvolgende 7 dagen aanvullende
voorbehoedsmiddelen gebruiken.
· Vergat u een tablet in de derde week?
U kunt het volgende doen:
· Neem de vergeten tablet direct in als u eraan denkt. Ook als dit gelijktijdig met de volgende tablet is.
Aan het einde van de strip begint u echter direct aan de volgende strip, zonder een pilvrije periode. De
gebruikelijke bloeding zal niet plaatsvinden. Tijdens de volgende strip kunt u wel zo nu en dan een
beetje bloed verliezen.
· Maak de strip niet af en las een tabletvrije periode van maximaal 6 dagen in (inclusief de dag van de
vergeten tablet). Begin daarna aan een nieuwe strip.
Wat te doen bij het vergeten van meer dan twee tabletten
In het geval dat meer dan 2 tabletten werden vergeten ongeacht het tijdstip (week 1, week 2, week 3), zal
men gewoonlijk een nieuwe strip beginnen. Gelijktijdig moet een aanvullend voorbehoedmiddel worden
gebruikt in de eerstvolgende 7 dagen.
Als er in de eerstvolgende normale tabletvrije week geen bloeding plaatsvindt, kan het zijn dat u zwanger
bent. Raadpleeg uw arts.
Wat met een bloeding tijdens de tabletinname?
Indien u tijdens de inname van Trinovum tussentijdse bloedingen in de vorm van spotting (gering
bloedverlies of bruinachtige afscheiding) of doorbraakbloedingen (bloeding die in sterkte op normale
maandstonden lijkt) optreden, mag het innemen niet onderbroken worden. Indien, wat uitzonderlijk
voorkomt, na de eerste maanden van inname dergelijke bloedingen blijven aanhouden, dan moet u uw arts
raadplegen.
Wat als u moet braken of diarree heeft?
Als u moet braken of diarree krijgt binnen de 3 uur na inname, dan is de betrouwbaarheid van Trinovum niet
meer verzekerd. U dient de tabletten van deze strip verder in te nemen, maar u maakt bovendien gebruik van
een aanvullende, niet-hormonale contraceptieve methode (bijv. condoom) met uitzondering van de
kalendermethode volgens Ogino-Knaus of de temperatuurmethode.
Indien het braken en/of de diarree slechts van korte duur was, kan u de betrouwbaarheid herstellen door
dezelfde dag nog een tweede tablet te nemen.
Wat te doen als u uw maandstonden wil uitstellen voor enkele dagen?
Om uw maandstonden met enkele dagen uit te stellen, moet u de behandeling enkele dagen langer dan
normaal verderzetten, zonder een tabletvrije periode in te lassen. Naargelang de wens kan u met deze strip
een aantal dagen of tot het einde van de tweede strip doorgaan. Tijdens de verlenging kan een
doorbraakbloeding optreden.
Na de gebruikelijke tabletvrije periode van 7 dagen wordt de normale inname van Trinovum hervat.
Hoe betrouwbaar is Trinovum?
De bescherming tegen zwangerschap begint de eerste dag van de inname en duurt voort tijdens de tabletvrije
periode.
Bij optimaal gebruik, d.w.z. correcte inname van de tabletten elke dag op ongeveer hetzelfde tijdstip, is de
kans op zwangerschap minder dan 0,1 % per jaar (minder dan 1 zwangerschap per 1000 vrouwen per jaar).
De kans op falen van contraceptie in het algemeen bedraagt 3 % rekening houdende met vrouwen die de
methode niet op de juiste manier gebruiken.
Heeft u te veel Trinovum gebruikt ?
Ernstige nevenwerkingen in gevallen van inname van hoge doses orale contraceptiva zijn tot op heden niet
beschreven en zijn niet te verwachten, zelfs bij accidentele inname door jonge kinderen.
Bij inname van te grote hoeveelheden kan misselijkheid optreden; bij meisjes kan een vaginale bloeding
optreden. Indien nodig kan een maagspoeling worden uitgevoerd.
Wanneer u te veel van Trinovum heeft gebruikt of ingenomen, neem dan onmiddellijk contact op met uw
arts, apotheker of het Antigifcentrum (070/245.245).
Als u stopt met het gebruik van Trinovum
Heeft u nog andere vragen over het gebruik van dit geneesmiddel? Neem dan contact op met uw arts of
apotheker.
4. MOGELIJKE BIJWERKINGEN
Zoals elk geneesmiddel kan ook dit geneesmiddel bijwerkingen hebben, al krijgt niet iedereen daarmee te
maken.
Ernstige bijwerkingen
Ernstige bijwerkingen die met het gebruik van de pil in verband zijn gebracht evenals de betreffende
verschijnselen worden beschreven in `Wanneer moet u extra voorzichtig zijn met Trinovum', vooral in de
rubrieken 'De pil en trombose' en `De pil en kanker'. Lees eveneens de rubriek `Wanneer mag u Trinovum
niet gebruiken?'.
Andere mogelijke bijwerkingen
De volgende bijwerkingen worden genoemd door pilgebruiksters, hoewel het niet zeker is of ze door de pil
veroorzaakt worden. Deze bijwerkingen kunnen in de eerste paar maanden dat u de pil gebruikt optreden en
gewoonlijk gaan ze met de tijd verminderen:
- Braakneigingen en andere bijwerkingen ter hoogte van het maagdarmstelsel;
- tussentijdse bloedingen en veranderingen in vaginale afscheiding;
- vochtophoping;
- verhoging van het lichaamsgewicht;
- stoornissen in de werking van de lever (die meestal verdwijnen bij het stopzetten van de
behandeling);
- spanningsgevoel in de borsten, vochtafscheiding uit de tepels;
- verminderde of uitblijven van onttrekkingsbloeding (als de bloeding gedurende verschillende cycli
uitblijft, dient zwangerschap te worden uitgesloten);
- zenuwachtigheid en prikkelbaarheid;
- hoofdpijn, vermoeidheid;
- neerslachtigheid;
- irritatie van de ogen bij gebruik van contactlenzen;
- huidreacties;
- verkleuring van de huid ter hoogte van het aangezicht;
- koorts.
Krijgt u veel last van een van de bijwerkingen? Of krijgt u een bijwerking die niet in deze bijsluiter staat?
Neem dan contact op met uw arts of apotheker.
5. HOE BEWAART U TRINOVUM?
Bewaren beneden 30°C.
Buiten het zicht en bereik van kinderen houden.
Gebruik dit geneesmiddel niet meer na de uiterste houdbaarheidsdatum. Die is te vinden op de doos en de
blisterverpakking na EXP. Daar staat een maand en een jaar. De laatste dag van die maand is de uiterste
houdbaarheidsdatum.
Spoel geneesmiddelen niet door de gootsteen of de WC en gooi ze niet in de vuilnisbak. Vraag uw apotheker
wat u met geneesmiddelen moet doen die u niet meer gebruikt. Ze worden dan op een verantwoorde manier
vernietigd en komen niet in het milieu terecht.
6. INHOUD VAN DE VERPAKKING EN OVERIGE INFORMATIE
Welke stoffen zitten er in Trinovum?
- De werkzame stoffen in dit geneesmiddel zijn norethisteron en ethinylestradiol.
- De andere stoffen in dit geneesmiddel zijn:
Witte tabletten: Gepregelatineerd maïszetmeel, magnesiumstearaat en lactose.
Lichte perzikkleurige tabletten: Gepregelatineerd maïszetmeel, magnesiumstearaat, oranjegeel S (E 110)
en lactose.
Perzikkleurige tabletten: Gepregelatineerd maïszetmeel, magnesiumstearaat, oranjegeel S (E 110) en
lactose.
Hoe ziet Trinovum eruit en hoeveel zit er in een verpakking?
De tabletten zijn beschikbaar in verpakkingen met 1 x 21, 3 x 21 of 6 x 21 tabletten.
Elke blisterverpakking bevat:
*7 witte tabletten met 0,50 mg norethisteron en 0,035 mg ethinylestradiol
*7 lichte perzikkleurige tabletten met 0,75 mg norethisteron en 0,035 mg ethinylestradiol
*7 perzikkleurige tabletten met 1,0 mg norethisteron en 0,035 mg ethinylestradiol.
Houder van de vergunning voor het in de handel brengen en fabrikant
Janssen-Cilag NV
Antwerpseweg 15-17
B-2340 Beerse
België
Fabrikant
Janssen Pharmaceutica NV
Turnhoutseweg 30
B-2340 Beerse
België

Opgepast

  • Gebruik geen geneesmiddelen zonder het advies van je geneesheer
  • Vertrouw enkel de bijsluiter die meegeleverd werd met je geneesmiddel
  • Gebruik geen geneesmiddelen waarvan de houdbaarheidsdatum verstreken is
  • Bijsluiters zijn aangeleverd door het FAGG
  • FAGG