Isoflo 100 % w/w



Notice – Version NL
ISOFLO
BIJSLUITER
IsoFlo 100% w/w Inhalatiedamp, vloeistof
1.
NAAM EN ADRES VAN DE HOUDER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN
DE HANDEL BRENGEN EN DE FABRIKANT VERANTWOORDELIJK VOOR
VRIJGIFTE, INDIEN VERSCHILLEND
Abbott Laboratories Ltd
Abbott House,
Vanwall Business Park
Vanwall Road
Maidenhead
Berkshire
SL6 4XE
UK
2.
BENAMING VAN HET DIERGENEESMIDDEL
IsoFlo 100% w/w Inhalatiedamp, vloeistof
Isofluraan
GEHALTE AAN WERKZA(A)M(E) EN OVERIGE BESTANDDD(E)L(EN)
Een heldere, kleurloze, vluchtige vloeistof uit de generatie van dampvormige
anesthetica, met een licht doordringende geur, die 100% isofluraan bevat.
3.
4.
INDICATIE(S)
Induceren en onderhouden van algehele verdoving.
5.
CONTRA-INDICATIES
Niet gebruiken bij een bekende gevoeligheid voor maligne hyperthermie.
Niet gebruiken bij overgevoeligheid voor isofluraan.
6.
BIJWERKINGEN
Isofluraan produceert een dosisafhanklijke hypotensie en ademhalingsdepressie. Het is
belangrijk dat zowel de frequentie als de aard van de ademhaling en de polsslag
gecontroleerd worden. Een ademstilstand moet met kunstmatige beademing met lucht
of, bij voorkeur, met toevoeging van zuurstof worden behandeld. Het is belangrijk dat
tijdens de anesthesie de luchtwegen open worden gehouden en dat een adequate
zuurstofverzadiging van het weefsel bereikt wordt. Als een hartstilstand optreedt, dan
moeten volwaardige methoden van cardiopulmonaire reanimatie toegepast worden.
Aritmie en bradycardie van voorbijgaande aard werden slechts zelden gemeld.
Isofluraan heeft echter een zwakkere sensibiliserende werking op het myocardium, op
de effecten van circulerende aritmogene catecholaminen, dan halothaan.
Maligne hyperthermie is in zeer zeldzame gevallen gemeld bij gevoelige dieren.
Meld door u waargenomen ernstige bijwerkingen of niet in deze bijsluiter vermelde
bijwerkingen aan uw veearts/chirurg.
7.
DIERSOORT(EN) WAARVOOR HET DIERGENEESMIDDEL BESTEMD IS
Notice – Version NL
ISOFLO
Paarden, honden, katten, siervogels, reptielen, ratten, muizen, hamsters, chinchilla’s,
woestijnratten, cavia’s en fretten.
8.
DOSERING VOOR ELKE DOELDIERSOORT, WIJZE VAN GEBRUIK EN
TOEDIENINGSWEG(EN)
Premedicatie:
Isofluraan kan samen met andere geneesmiddelen worden gebruikt die gewoonlijk bij
anesthesieregimes bij dieren worden aangewend. Voor premedicatie gebruikte
geneesmiddelen dienen per patiënt te worden geselecteerd. Zie Contra-indicaties,
waarschuwingen, enz. voor mogelijke geneesmiddeleninteracties.
De hieronder vermelde MAC (minimale alveolaire concentratie) in zuurstof voor de
doeldiersoorten dient uitsluitend als leidraad te worden gebruikt. De feitelijke in de
praktijk benodigde concentraties zullen van vele variabelen afhangen, inclusief het
gelijktijdige gebruik van andere geneesmiddelen en de klinische status van de patiënt.
Inductie, instandhouding en recovery:
Zie onderstaande tabel:
Diersoorten
MAC (%)
Inductie (%)*
Instandhouding (%)
Paard
1,31
3,0-5,0 (veulens)
1,5-2,5
Hond
1,28
tot 5,0
1,5-2,5
Kat
1,63
tot 4,0
1,5-3,0
Siervogels
ca. 1,45
3,0-5,0
0,6-5,0
Reptielen
Niet gepubliceerd
2,0-4,0
1,0-3,0
Ratten, muizen,
1,34 (muis)
2,0-3,0
0,25-2,0
hamsters,
1,38-2,40 (rat)
chinchilla’s,
woestijnratten,
cavia’s en fretten
* Gewoonlijk vindt inductie plaats met behulp van een gezichtsmasker.
Bij alle diersoorten verloopt de recovery gewoonlijk soepel en snel.
Diersoortspecifieke interacties:
Paard:
Er zijn meldingen dat detomidine en xylazine de MAC voor isofluraan bij paarden
verlagen.
Hond:
Van morfine, oxymorfon, acepromazine, medetomidine, medetomidine en midazolam is
gemeld dat ze de MAC voor isofluraan bij honden verlagen. De gelijktijdige toediening
van midazolam/ketamine tijdens isofluraananesthesie kan leiden tot uitgesproken
cardiovasculaire effecten, voornamelijk arteriële hypotensie. De remmende effecten van
propranolol op myocardcontractiliteit worden verminderd tijdens isofluraananesthesie,
wat wijst op een matige β-receptoractiviteit.
Kat:
Men heeft gemeld dat een intraveneuze toediening van midazolam-butorfanol diverse
cardiorespiratoire parameters wijzigt bij met isofluraan geïnduceerde katten, net zoals
bij een epidurale verdoving met fentanyl en medetomidine.
Isofluraan blijkt de gevoeligheid van het hart voor adrenaline (epinefrine) te
verminderen.
Siervogels:
Van butorfanol is gemeld dat het de MAC voor isofluraan bij kaketoes verlaagt.
Van midazolam is gemeld dat het de MAC voor isofluraan bij duiven verlaagt.
Reptielen en kleine zoogdieren:
Notice – Version NL
ISOFLO
In geen enkele specifieke publicatie over reptielen of kleine zoogdieren werd
teruggeblikt op verenigbaarheden of interacties van andere geneesmiddelen met
isofluraananesthesie.
9.
AANWIJZINGEN VOOR EEN JUISTE TOEDIENING
IsoFlo uitsluitend gebruiken in een verdamper specifiek voor isofluraan.
Isofluraan dient toegediend te worden met behulp van een nauwkeurig gekalibreerde
verstuiver in een geschikt anesthetisch circuit aangezien anesthesieniveaus snel en
gemakkelijk veranderd kunnen worden. Isofluraan kan worden toegediend in zuurstof of
zuurstof/lachgas-mengsels.
10.
WACHTTIJD
Paard:
2 dagen
11.
SPECIALE VOORZORGSMAATREGELEN BIJ BEWAREN
Buiten het bereik en zicht van kinderen bewaren.
Niet bewaren boven 25 °C. Tegen direct zonlicht en warmte beschermen. Bewaren in de
oorspronkelijke fles en de fles goed gesloten houden.
Niet gebruiken na de vervaldatum vermeld op het etiket en de doos na EXP.
12.
SPECIALE WAARSCHUWING(EN)
Bij gebruik van isofluraan bij het verdoven van een dier met een hoofdletsel dient men
te overwegen of kunstmatige beademing aangewezen is om normale CO
2
-niveaus in
stand te houden zodat de cerebrale bloedstroom niet toeneemt.
Het gemak en de snelheid van verandering in de diepte van anesthesie met isofluraan en
het lage metabolisme ervan kunnen als een voordeel worden beschouwd voor het
gebruik ervan bij speciale groepen patiënten, zoals oude of jonge patiënten en patiënten
met een verstoorde lever-, nier- of hartfunctie.
Het gebruik van het product bij hartpatiënten mag pas worden overwogen nadat de
veearts de risico’s en de voordelen heeft beoordeeld.
Het is belangrijk om de ademhaling en de pols te bewaken op de frequentie en de
functies. Een ademstilstand moet worden behandeld met een ademhalingsapparaat. Het
is belangrijk om de luchtwegen vrij te houden en het weefsel van voldoende zuurstof te
voorzien tijdens het behoud van de verdoving. Bij een hartstilstand een complete
cardiopulmonale resuscitatie doen.
De werking van spierrelaxantia bij de mens, vooral deze van het niet-depolariserende
type zoals atracurium, pancuronium of vecuronium, wordt versterkt door isofluraan. Een
soortgelijke potentiëring kan men verwachten bij de doeldiersoorten, hoewel er hiervoor
weinig directe aanwijzingen zijn. Gelijktijdige inhalatie van lachgas versterkt het effect
van isofluraan bij de mens en een soortgelijke potentiëring is te verwachten bij dieren.
Het gelijktijdige gebruik van sedativa of analgetica zal het isofluraanniveau, vereist om
anesthesie te induceren en in stand te houden, waarschijnlijk verlagen. Van opiaten,
alfa-2-agonisten, acepromazine en benzodiazepinen is bijvoorbeeld gemeld dat ze de
MAC-waarden doen dalen. De gelijktijdige toediening van midazolam/ketamine tijdens
isofluraananesthesie kan leiden tot uitgesproken cardiovasculaire effecten, voornamelijk
arteriële hypotensie.
Het metabolisme van vogels, en tot op zekere hoogte van kleine zoogdieren, wordt
sterker beïnvloed door dalingen van de lichaamstemperatuur als gevolg van de hoge
Notice – Version NL
ISOFLO
verhouding oppervlakte-lichaamsgewicht. Het geneesmiddelenmetabolisme bij reptielen
is traag en sterk afhankelijk van de omgevingstemperatuur.
Het gebruik bij drachtige en zogende dieren moet worden beperkt tot gevallen waarbij
de voordelen zwaarder wegen dan de risico’s.
Isofluraan werd tijdens keizersneden bij honden en katten veilig gebruikt voor
anesthesie.
Een overdosis van isofluraan kan leiden tot een ernstige ademhalingsdepressie. De
ademhaling moet daarom van nabij worden gevolgd en, indien nodig, worden
ondersteund met bijkomende zuurstof en/of kunstmatige beademing.
Bij een ernstige cardiopulmonale depressie moet de toediening van isofluraan worden
stopgezet, de ademhalingsweg met zuurstof worden doorspoeld, worden gecontroleerd
of er een open luchtweg is en kunstmatige of gecontroleerde beademing met zuivere
zuurstof worden gestart. Een cardiovasculaire depressie moet worden behandeld met
plasma-expanders, bloeddrukverhogende middelen, middelen tegen hartritmestoornissen
of andere aangewezen technieken.
Van isofluraan is gemeld dat het een interactie vertoont met droge
kooldioxideabsorbentia om koolmonoxide te vormen. Om het risico op het vormen van
koolmonoxide in herbeademingscircuits en de mogelijkheid van verhoogde
carboxyhemoglobinespiegels tot een minimum te beperken, mag men
kooldioxideabsorbentia niet laten opdrogen.
Waarschuwingen voor de bediener:
De damp niet inademen. Gebruikers moeten bij hun nationale overheid advies inwinnen
over de normen voor beroepsmatige blootstelling aan isofluraan.
Operatiezalen en herstelkamers moeten voorzien zijn van voldoende ventilatie of
reinigingssystemen om de accumulatie van isofluraandampen te voorkomen. Alle
reinigings-/afzuigsystemen moeten goed worden onderhouden.
Zwangere vrouwen of vrouwen die borstvoeding geven mogen niet in contact komen
met het product en moeten operatiezalen en herstelkamers voor dieren vermijden.
Vermijd het gebruik van maskeringsprocedures voor langdurige inductie en onderhoud
van algehele verdoving.
Gebruik, wanneer mogelijk, endotracheale intubatie met een manchet voor de
toediening van Isoflo tijdens het onderhouden van de algehele anesthesie.
Vanuit milieustandpunt wordt het gebruik van koolstoffilters met reinigingsapparatuur
beschouwd als goede praktijk.
Voorzichtigheid is geboden bij het verstrekken van isofluraan en gemorst product moet
meteen worden verwijderd met behulp van inerte absorbentia, zoals zaagsel. Eventuele
spatten meteen van de huid en uit de ogen spoelen en aanraking met de mond vermijden.
Bij ernstige accidentele blootstelling de gebruiker verwijderen van de bron van
blootstelling, onmiddellijk een arts raadplegen en dit etiket tonen.
Gehalogeneerde anesthetica kunnen leverbeschadiging veroorzaken. In het geval van
isofluraan is dit een idiosyncratische reactie die zeer zelden wordt opgemerkt na
herhaalde blootstelling.
Advies aan artsen:
Houd de luchtwegen open en geef een symptomatische en ondersteunende behandeling.
Adrenaline en catecholaminen kunnen hartritmestoornissen veroorzaken.
Buiten bereik van kinderen houden.
Notice – Version NL
ISOFLO
13.
SPECIALE VOORZORGSMAATREGELEN VOOR HET VERWIJDEREN VAN
NIET-GEBRUIKTE DIERGENEESMIDDELEN OF EVENTUELE
RESTANTEN HIERVAN
Ongebruikte diergeneesmiddelen of restanten hiervan dienen in overeenstemming met
de nationale vereisten te worden verwijderd.
14.
DE DATUM WAAROP DE BIJSLUITER VOOR HET LAATST IS HERZIEN
April 2013
15.
OVERIGE INFORMATIE
Metabolisme van isofluraan is minimaal (ongeveer 0,2%, voornamelijk in anorganische
fluoride) en vrijwel alle toegediende isofluraan wordt onveranderd door de longen
uitgescheiden.
Isofluraan veroorzaakt bewusteloosheid door zijn werking op het centrale zenuwstelsel.
Het heeft weinig of geen analgetische eigenschappen en de analgetische vereisten van
de patiënt moeten vóór beëindiging van de algehele anesthesie overwogen worden. Het
gebruik van analgesie voor pijnlijke procedures strookt met de goede veterinaire
praktijk.
Verpakkingsgrootten: fles van 100 ml en 250 ml
Het kan voorkomen dat niet alle verpakkingsgrootten in de handel worden gebracht.
Nummer in het communautaire geneesmiddelenregister BE-V222765
Op diergeneeskundig voorschrift
ISOFLO
BIJSLUITER
IsoFlo 100% w/w Inhalatiedamp, vloeistof
1.
NAAM EN ADRES VAN DE HOUDER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN
DE HANDEL BRENGEN EN DE FABRIKANT VERANTWOORDELIJK VOOR
VRIJGIFTE, INDIEN VERSCHILLEND

Abbott Laboratories Ltd
Abbott House,
Vanwall Business Park
Vanwall Road
Maidenhead
Berkshire
SL6 4XE
UK

2.
BENAMING VAN HET DIERGENEESMIDDEL
IsoFlo 100% w/w Inhalatiedamp, vloeistof

Isofluraan
3.
GEHALTE AAN WERKZA(A)M(E) EN OVERIGE BESTANDDD(E)L(EN)
Een heldere, kleurloze, vluchtige vloeistof uit de generatie van dampvormige
anesthetica, met een licht doordringende geur, die 100% isofluraan bevat.
4.
INDICATIE(S)
Induceren en onderhouden van algehele verdoving.
5.
CONTRA-INDICATIES
Niet gebruiken bij een bekende gevoeligheid voor maligne hyperthermie.
Niet gebruiken bij overgevoeligheid voor isofluraan.
6.
BIJWERKINGEN
Isofluraan produceert een dosisafhanklijke hypotensie en ademhalingsdepressie. Het is
belangrijk dat zowel de frequentie als de aard van de ademhaling en de polsslag
gecontroleerd worden. Een ademstilstand moet met kunstmatige beademing met lucht
of, bij voorkeur, met toevoeging van zuurstof worden behandeld. Het is belangrijk dat
tijdens de anesthesie de luchtwegen open worden gehouden en dat een adequate
zuurstofverzadiging van het weefsel bereikt wordt. Als een hartstilstand optreedt, dan
moeten volwaardige methoden van cardiopulmonaire reanimatie toegepast worden.
Aritmie en bradycardie van voorbijgaande aard werden slechts zelden gemeld.
Isofluraan heeft echter een zwakkere sensibiliserende werking op het myocardium, op
de effecten van circulerende aritmogene catecholaminen, dan halothaan.
Maligne hyperthermie is in zeer zeldzame gevallen gemeld bij gevoelige dieren.
Meld door u waargenomen ernstige bijwerkingen of niet in deze bijsluiter vermelde
bijwerkingen aan uw veearts/chirurg.
7.
ISOFLO
Paarden, honden, katten, siervogels, reptielen, ratten, muizen, hamsters, chinchilla's,
woestijnratten, cavia's en fretten.
8.
DOSERING VOOR ELKE DOELDIERSOORT, WIJZE VAN GEBRUIK EN
TOEDIENINGSWEG(EN)


Premedicatie:
Isofluraan kan samen met andere geneesmiddelen worden gebruikt die gewoonlijk bij
anesthesieregimes bij dieren worden aangewend. Voor premedicatie gebruikte
geneesmiddelen dienen per patiënt te worden geselecteerd. Zie Contra-indicaties,
waarschuwingen, enz. voor mogelijke geneesmiddeleninteracties.
De hieronder vermelde MAC (minimale alveolaire concentratie) in zuurstof voor de
doeldiersoorten dient uitsluitend als leidraad te worden gebruikt. De feitelijke in de
praktijk benodigde concentraties zullen van vele variabelen afhangen, inclusief het
gelijktijdige gebruik van andere geneesmiddelen en de klinische status van de patiënt.
Inductie, instandhouding en recovery: Zie onderstaande tabel:
Diersoorten
MAC (%)
Inductie (%)*
Instandhouding (%)
Paard
1,31
3,0-5,0 (veulens)
1,5-2,5
Hond
1,28
tot 5,0
1,5-2,5
Kat
1,63
tot 4,0
1,5-3,0
Siervogels
ca. 1,45
3,0-5,0
0,6-5,0
Reptielen
Niet gepubliceerd
2,0-4,0
1,0-3,0
Ratten, muizen,
1,34 (muis)
2,0-3,0
0,25-2,0
hamsters,
1,38-2,40 (rat)
chinchilla's,
woestijnratten,
cavia's en fretten
* Gewoonlijk vindt inductie plaats met behulp van een gezichtsmasker.
Bij alle diersoorten verloopt de recovery gewoonlijk soepel en snel.
Diersoortspecifieke interacties:
Paard:
Er zijn meldingen dat detomidine en xylazine de MAC voor isofluraan bij paarden
verlagen.
Hond:
Van morfine, oxymorfon, acepromazine, medetomidine, medetomidine en midazolam is
gemeld dat ze de MAC voor isofluraan bij honden verlagen. De gelijktijdige toediening
van midazolam/ketamine tijdens isofluraananesthesie kan leiden tot uitgesproken
cardiovasculaire effecten, voornamelijk arteriële hypotensie. De remmende effecten van
propranolol op myocardcontractiliteit worden verminderd tijdens isofluraananesthesie,
wat wijst op een matige -receptoractiviteit.
Kat:
Men heeft gemeld dat een intraveneuze toediening van midazolam-butorfanol diverse
cardiorespiratoire parameters wijzigt bij met isofluraan geïnduceerde katten, net zoals
bij een epidurale verdoving met fentanyl en medetomidine.
Isofluraan blijkt de gevoeligheid van het hart voor adrenaline (epinefrine) te
verminderen.
Siervogels:
Van butorfanol is gemeld dat het de MAC voor isofluraan bij kaketoes verlaagt.
Van midazolam is gemeld dat het de MAC voor isofluraan bij duiven verlaagt.
ISOFLO
In geen enkele specifieke publicatie over reptielen of kleine zoogdieren werd
teruggeblikt op verenigbaarheden of interacties van andere geneesmiddelen met
isofluraananesthesie.
9.
AANWIJZINGEN VOOR EEN JUISTE TOEDIENING
IsoFlo uitsluitend gebruiken in een verdamper specifiek voor isofluraan.
Isofluraan dient toegediend te worden met behulp van een nauwkeurig gekalibreerde
verstuiver in een geschikt anesthetisch circuit aangezien anesthesieniveaus snel en
gemakkelijk veranderd kunnen worden. Isofluraan kan worden toegediend in zuurstof of
zuurstof/lachgas-mengsels.
10.
WACHTTIJD
Paard: 2 dagen
11.
SPECIALE VOORZORGSMAATREGELEN BIJ BEWAREN
Buiten het bereik en zicht van kinderen bewaren.
Niet bewaren boven 25 °C. Tegen direct zonlicht en warmte beschermen. Bewaren in de
oorspronkelijke fles en de fles goed gesloten houden.
Niet gebruiken na de vervaldatum vermeld op het etiket en de doos na EXP.
12.
SPECIALE WAARSCHUWING(EN)
Bij gebruik van isofluraan bij het verdoven van een dier met een hoofdletsel dient men
te overwegen of kunstmatige beademing aangewezen is om normale CO2-niveaus in
stand te houden zodat de cerebrale bloedstroom niet toeneemt.
Het gemak en de snelheid van verandering in de diepte van anesthesie met isofluraan en
het lage metabolisme ervan kunnen als een voordeel worden beschouwd voor het
gebruik ervan bij speciale groepen patiënten, zoals oude of jonge patiënten en patiënten
met een verstoorde lever-, nier- of hartfunctie.
Het gebruik van het product bij hartpatiënten mag pas worden overwogen nadat de
veearts de risico's en de voordelen heeft beoordeeld.
Het is belangrijk om de ademhaling en de pols te bewaken op de frequentie en de
functies. Een ademstilstand moet worden behandeld met een ademhalingsapparaat. Het
is belangrijk om de luchtwegen vrij te houden en het weefsel van voldoende zuurstof te
voorzien tijdens het behoud van de verdoving. Bij een hartstilstand een complete
cardiopulmonale resuscitatie doen.
De werking van spierrelaxantia bij de mens, vooral deze van het niet-depolariserende
type zoals atracurium, pancuronium of vecuronium, wordt versterkt door isofluraan. Een
soortgelijke potentiëring kan men verwachten bij de doeldiersoorten, hoewel er hiervoor
weinig directe aanwijzingen zijn. Gelijktijdige inhalatie van lachgas versterkt het effect
van isofluraan bij de mens en een soortgelijke potentiëring is te verwachten bij dieren.
Het gelijktijdige gebruik van sedativa of analgetica zal het isofluraanniveau, vereist om
anesthesie te induceren en in stand te houden, waarschijnlijk verlagen. Van opiaten,
alfa-2-agonisten, acepromazine en benzodiazepinen is bijvoorbeeld gemeld dat ze de
MAC-waarden doen dalen. De gelijktijdige toediening van midazolam/ketamine tijdens
isofluraananesthesie kan leiden tot uitgesproken cardiovasculaire effecten, voornamelijk
ISOFLO
verhouding oppervlakte-lichaamsgewicht. Het geneesmiddelenmetabolisme bij reptielen
is traag en sterk afhankelijk van de omgevingstemperatuur.
Het gebruik bij drachtige en zogende dieren moet worden beperkt tot gevallen waarbij
de voordelen zwaarder wegen dan de risico's.
Isofluraan werd tijdens keizersneden bij honden en katten veilig gebruikt voor
anesthesie.
Een overdosis van isofluraan kan leiden tot een ernstige ademhalingsdepressie. De
ademhaling moet daarom van nabij worden gevolgd en, indien nodig, worden
ondersteund met bijkomende zuurstof en/of kunstmatige beademing.
Bij een ernstige cardiopulmonale depressie moet de toediening van isofluraan worden
stopgezet, de ademhalingsweg met zuurstof worden doorspoeld, worden gecontroleerd
of er een open luchtweg is en kunstmatige of gecontroleerde beademing met zuivere
zuurstof worden gestart. Een cardiovasculaire depressie moet worden behandeld met
plasma-expanders, bloeddrukverhogende middelen, middelen tegen hartritmestoornissen
of andere aangewezen technieken.
Van isofluraan is gemeld dat het een interactie vertoont met droge
kooldioxideabsorbentia om koolmonoxide te vormen. Om het risico op het vormen van
koolmonoxide in herbeademingscircuits en de mogelijkheid van verhoogde
carboxyhemoglobinespiegels tot een minimum te beperken, mag men
kooldioxideabsorbentia niet laten opdrogen.
Waarschuwingen voor de bediener:
De damp niet inademen. Gebruikers moeten bij hun nationale overheid advies inwinnen
over de normen voor beroepsmatige blootstelling aan isofluraan.
Operatiezalen en herstelkamers moeten voorzien zijn van voldoende ventilatie of
reinigingssystemen om de accumulatie van isofluraandampen te voorkomen. Alle
reinigings-/afzuigsystemen moeten goed worden onderhouden.
Zwangere vrouwen of vrouwen die borstvoeding geven mogen niet in contact komen
met het product en moeten operatiezalen en herstelkamers voor dieren vermijden.
Vermijd het gebruik van maskeringsprocedures voor langdurige inductie en onderhoud
van algehele verdoving.
Gebruik, wanneer mogelijk, endotracheale intubatie met een manchet voor de
toediening van Isoflo tijdens het onderhouden van de algehele anesthesie.
Vanuit milieustandpunt wordt het gebruik van koolstoffilters met reinigingsapparatuur
beschouwd als goede praktijk.
Voorzichtigheid is geboden bij het verstrekken van isofluraan en gemorst product moet
meteen worden verwijderd met behulp van inerte absorbentia, zoals zaagsel. Eventuele
spatten meteen van de huid en uit de ogen spoelen en aanraking met de mond vermijden.
Bij ernstige accidentele blootstelling de gebruiker verwijderen van de bron van
blootstelling, onmiddellijk een arts raadplegen en dit etiket tonen.
Gehalogeneerde anesthetica kunnen leverbeschadiging veroorzaken. In het geval van
isofluraan is dit een idiosyncratische reactie die zeer zelden wordt opgemerkt na
herhaalde blootstelling.
Advies aan artsen:
Houd de luchtwegen open en geef een symptomatische en ondersteunende behandeling.
Adrenaline en catecholaminen kunnen hartritmestoornissen veroorzaken.
ISOFLO
13.
SPECIALE VOORZORGSMAATREGELEN VOOR HET VERWIJDEREN VAN
NIET-GEBRUIKTE DIERGENEESMIDDELEN OF EVENTUELE
RESTANTEN HIERVAN

Ongebruikte diergeneesmiddelen of restanten hiervan dienen in overeenstemming met
de nationale vereisten te worden verwijderd.
14.
DE DATUM WAAROP DE BIJSLUITER VOOR HET LAATST IS HERZIEN
April 2013
15.
OVERIGE INFORMATIE
Metabolisme van isofluraan is minimaal (ongeveer 0,2%, voornamelijk in anorganische
fluoride) en vrijwel alle toegediende isofluraan wordt onveranderd door de longen
uitgescheiden.
Isofluraan veroorzaakt bewusteloosheid door zijn werking op het centrale zenuwstelsel.
Het heeft weinig of geen analgetische eigenschappen en de analgetische vereisten van
de patiënt moeten vóór beëindiging van de algehele anesthesie overwogen worden. Het
gebruik van analgesie voor pijnlijke procedures strookt met de goede veterinaire
praktijk.
Verpakkingsgrootten:
fles van 100 ml en 250 ml
Het kan voorkomen dat niet alle verpakkingsgrootten in de handel worden gebracht.
Nummer in het communautaire geneesmiddelenregister BE-V222765

Opgepast

  • Gebruik geen geneesmiddelen zonder het advies van je geneesheer
  • Vertrouw enkel de bijsluiter die meegeleverd werd met je geneesmiddel
  • Gebruik geen geneesmiddelen waarvan de houdbaarheidsdatum verstreken is
  • Bijsluiters zijn aangeleverd door het FAGG
  • FAGG